woensdag 17 oktober 2018

Simon Vinkenoog -- 18 oktober 1963

Simon Vinkenoog (1928-2009) was dichter en schrijver. In 1963/'64 hield hij een dagboek bij dat is gepubliceerd als Liefde. Zeventig dagen op ooghoogte.

vrijdag 18 oktober 1963
De eerste woorden in 'n nieuw huis, na de opening van Constant gisteren geschreven en uitgesproken. Vanaf de intrede swingde het als de pest**, al werd ik om halfacht smorgens uit vier uur alleenslapen - na (op m'n werkkamer boven, na hevige ruzie met Elize, inclusief twee klappen & enige hoge woorden) gewekt door de verhuizers. Drie mannen, wier hulp voor de dag op ƒ90. - komt te staan. Alles wordt vanzelfsprekend, de vrienden die komen binnenlopen om te helpen, en bij ieder die dodelijk vermoeid afgaat, voel ik mij niet in staat in voldoende mate m'n erkentelijkheid voor hun hulp uit te drukken.

Ik dank ze bij name: als eersten smorgens Larry en Karel, daarna Nikolaas en Huub, zelfs Drs. T.B. en Darky, die nu thee-zet nadat hij eerst het boek van John Cage, Silence, dat hij hier ziet liggen, tot geweldig heeft uitgeroepen.

Op de inderhaast aangelegde grammofoon zet Robert Jasper Olé op; bloemen worden binnengebracht. Afzender: Felix en Wilson. Wie zijn zij? Robert J. heeft zijn oude funktie van glazenwasser weer opgenomen, lapte alle ramen en poetst nu de spiegel op, die Leen - te laat om linoleum te leggen - op mijn verzoek naast de deur heeft gehangen. Twee kamers beneden, keuken achter, twee kamers boven, daarboven zolder, waarin één kamer kan worden gemaakt. Etc. Barry brengt foto's op de luidspreker aan, een van de vele kollages waarmee wij leven, en de t.v. is door Dicky in orde gemaakt. Ook hier werkt de kamerantenne.

Iedereen helpt. Vanochtend wekte Nikolaas me met pervetine, ik heb een behangzaak bezocht, in alle kamers heerst vrede, Alexander slaapt de slaap der onschuldigen (rechtvaardigen), ik heb hier een ruimte geschapen die ik niet liet dikteren door binnenhuisarchitectuur, biedermeier, Goed Wonen, Hip-beatpad-zucht, maar waarin - hoop ik - velen zich thuisvoelen. De wonden aan m'n hand zijn over (welke wonden, mei '64?), de gestolen scooter is weer terug, kwam een politieagent melden, en naar Lucia's verdwenen of gestolen fiets kan ik altijd nog in de Bloemgracht dreggen.


**
swingen - in overeenstemming zijn; zonder storingen functioneren.
Drs. B.H.: ‘Tussen links en rechts doorkomen.’
Wat is links, wat is rechts?
‘Links is aan de ene kant, rechts is aan de andere kant. Links stoot je je, rechts stoot je je ook. Ik ben noch links noch rechts. Ik swing. Als je er tussendoor komt, swing je.’
Olivier (‘mijn definitie is zo ontstellend goed, er is geen speld tussen te krijgen’:) (er is maar één taal: de square.) Ook hij zoekt het s.g. van de g.g.d., denk ik en luister mee:
‘Nou, moet je horen. 't Universum is beweging. Dus God is beweging. Beweging is primair ritme. Ieder heeft z'n eigen ritme. Swingen is het ritme van de optimale mens. God swingt als de pest!’
We zijn terug bij de oorsprong van de uitdrukking, zoals die voorkomt in het gedicht van Remco Campert, dat voorin Hoogseizoen staat: ‘de wereld swingt als de pest/en de rest is gemompel van bedelaars.’ [mei 1964]

Geen opmerkingen:

Een reactie posten