donderdag 19 juli 2018

Jan van Riebeeck -- 20 juli 1652

Jan van Riebeeck (1619–1677) was een Nederlands chirurgijn en koopman in dienst van de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC). In 1652 stichtte hij de eerste Europese handelspost in Zuid-Afrika. De nederzetting met Fort de Goede Hoop bij Kaap de Goede Hoop zou uitgroeien tot de Kaapkolonie en uiteindelijk tot de huidige Republiek Zuid-Afrika. Dagboek 1652.

Den 20 dito.
- Zijn wij eens gegaan na het wrak van het verongelukte schip Haarlem, dat daar diep in het zand nog zagen liggen. Niet mogelijk om het geschut daar uit te krijgen, als zijnde al te diep in het zand geweld, leggende verscheide schoone balken alsmede twee masten op het strand gespoeld, die ons dapper zouden te pas komen, als wij ze hier bij het fort hadden, maar te moeijelijk vallen om te halen, alzoo zij vrij wat ver en zwaar zijn, waartoe men karren zoude moeten maken, gelijk wij ook voornemens zijn, doch principaallijk om het zout, daaromtrent heden in redelijke abundantie bevonden, te halen, zulks dat wij van Batavia of Holland niet nodig zouden hebben, zout te ontbieden. Op dato zijn twee personen van den Oliphant door ziekte overleden, genaamd Swens Erasmus en Jacob Martens.

Den 23 dito.
- 's Morgens vuil, hard, stormig weder, vermengd met harde hagelbuijen uit het Z.W. zulks dat wij genoeg te doen hadden ons goed in de opgeslagene woning droog te houden, ten welken einde daar nog een zeil over halen moesten, als kunnende met de planken zoo digt niet maken, dat wij het brood konden droog houden.

woensdag 18 juli 2018

John Newton -- 19 juli 1758

John Newton (1725-1807) was eerst slavenhandelaar en later dominee. Hij was de schrijver van het wereldberoemde 'Amazing Grace'. Hij hield een dagboek bij dagboek bij waarin hij verslag deed van zijn spirituele groei en verlangens.

Thursday 19 July. Sad heartless fruitless times. Some short & precious intervals have now & then occur'd, but for the most part since I wrote last my mind has been a chaos, a scene of darkness & confusion. I have daily experience that He who has begun the work of Grace in my heart is alone able to maintain it, & that in proportion as he withdraws my enemies immediately prevail – Conscie[n]tious compunctions, & resolutions are no more restraint to the power of indwelling sin when I am left to these helps, than the withe with which Sampson was bound were to the exercise of his strength. I have need to put my mouth in the dust & cry Unclean Unclean. Perhaps I have never found [commissions?] more active, & less spirit to resist & deny them since my first entrance upon this warfare, the consequence has been exceeding detrimental to my studies, gifts, comforts & usefulness – all these have been folly – this morning I have found some returning liberty to pray & mourn before the Lord, I hope it is an indication of better times, for whenever he disposes one to seek him, I am sure He is near & ready to be found of me; & I generally find all my other tempers & experiences to be proportionable to the spirit of my prayers, when this prayer is a burthen nothing does me good; but as long as the door of access is kept open & duly attended, I find the joy of the Lord to be my strength, & nothing is suffered to harm me. On the 7 inst I wrote a full account of my situation to Dr. Young, & entreated his good offices, receivd his answer two days since. I am encouragd by his approbation, but he cannot help me. I have only now to appeal to my Lord of [Canten?] & leave the issue with the Lord; for I think upon a refusal there which I am prepard to expect, that I will retract the pursuit, & take up the conclusion Mr. Romaine has already made for me, that it is not the will of God I should appear on that side.

dinsdag 17 juli 2018

Koos van Zomeren -- 18 juli 2004

• Een moord met feodale trekjes en het Waaldorp Herwijnen, het dorp van zijn jeugd, staan centraal in Nog in morgens gemeten, een dagboek over het jaar 2004 van schrijver Koos van Zomeren (1946).

18 juli 2004
Nou vooruit, leuke wandeling, mooi dorp.
Op de heenweg zagen we Arme Kaldenberg fietsen en Gijs de Slager op een bankje zitten en toen er een auto voor ons stopte, werd het raampje opengedaan door Genie van ome Gijs. Op de terugweg kwam ons bij d'n Hoek een niet meer zo jonge man tegemoet fietsen, en zijn vrouw fietste achter hem. Hij stak in het voorbijgaan zijn hand op. 'Van Zomeren!'
'Hoi,' zei ik.
'Wie was dat?' vroeg Iris.
'Ik zou het niet weten,’ zei ik.
'Ik zou het niet weten,' herhaalde ik. 'En ik geef je op een briefje dat die man weet dat ik het niet weet... die zit nu te genieten op zijn fiets.'
Iedereen kan overal op de wereld van alles meemaken, maar voor iedereen zijn er ook dingen die hij maar op één plaats kan meemaken. Dit met die geestige fietser kon ik in ieder geval alleen maar op Herwijnen meemaken.

Ik geloof dat ik ergens gezegd heb dat ik nooit overwogen heb op Herwijnen te gaan wonen. Dat was niet helemaal waar. Ik heb wel degelijk ooit overwogen een boerendochter aan de haak te slaan. Zij zou rijk zijn, ik zou rijk zijn (en boer op de koop toe) – waar anders dan op Herwijnen?

maandag 16 juli 2018

Minka Nijhuis -- 17 juli 2010

Minka Nijhuis (1958) is een Nederlandse schrijfster en journaliste. Tijdens haar verblijf in Afghanistan in 2010 hield ze een dagboek bij, dat later gepubliceerd werd als Weblog Afghanistan. Hieronder de laatste twee dagen daaruit.

15 juli - Afghaanse visvangst
Een dag tevoren hadden de Afghaanse militairen met wie ik op pad was een minibus met explosieven onderschept. Na al dat harde werken was het tijd mij hun favoriete plek te laten zien. Een meer van wazig smaragd waar ze op Afghaanse wijze vissen vingen. 'Ik ben verliefd op mijn land,' zei een van hen terwijl de kogels van een M16-geweer in het roerloze water knalden.
















17 juli - Afscheid
Najib was in een bespiegelende bui. 'Het leven is een gok. Soms gokje goed, soms fout/ zei hij. Misschien kwam zijn stemming door mijn verhaal over de stervende Afghaanse militairen die ik zojuist in het ziekenhuis had gezien. Een vader die in het hospitaal werkte, had min of meer bij toeval in het levenloze lichaam dat alleen nog dankzij een beademingsapparaat op deze wereld werd gehouden zijn zoon ontdekt Of misschien kwam het door de passagier die met ruzie uit een taxi naast ons stapte. Terwijl hij aan zijn mouwloze vest rukte schreeuwde hij: 'Meer geld heb ik niet. Moet ik je soms mijn kleren geven?' Het schokte Najib dat de taxichauffeur na die woorden geen mededogen toonde. Misschien kwam het ook door het naderende afscheid, en ons gesprek over wat vierenhalve maand in zijn land mij aan reportages opgeleverd had. De meesten waren grimmig. Heel grimmig zelfs.
Ondertussen bloeiden de zonnebloemen bij mijn tijdelijke thuis alsof Afghanistan niets dan goeds te wachten stond.

zondag 15 juli 2018

Randy Newman -- 16 juli 2006

Randy Newman (1943) is een Amerikaanse liedcomponist en zanger. Hij houdt op incidentele basis een journaal bij wanneer hij op tournee is.

— LA DOLCE VITA, 16 July 2006 —
We are in Rimini in northern Italy. We have a day off tomorrow due to too few Slovenians being interested enough to pay a week’s salary to see me perform for seventy-five minutes. My feelings aren’t hurt.

Personally, I’m unaffected by this Balkan dis. But, I must admit that I am embarrassed for my country. When I played Slovenia last time we stopped to look at the site of an old concentration camp near the Austrian border. I let it go. But this pisses me off. We (I use the plural not in the Imperial sense but to include Cathy who is an important part of the Newman team – without her the whole delicate mechanism we work so hard to perfect would collapse, and be as “dust in the wind”) are playing Verucchio on Monday. The people of the region are reacting to the news of my show in much the same way that the Slovenes did, but I’m going to Verucchio and I’ll play whether they like it or not. I have feelings too.

We played Montreux on the night of the World Cup Final. I don’t know how many people were out there but they seemed to like the show. I saw the end of the match. When Italy won everyone in the town went crazy until four in the morning. There was just a big fireworks display out of the window of the hotel. The weirder the road gets the better it is at this point in my life.

I played at a castle in Udine. Udine is northeast of Trieste. And is still in Italy. Trieste has been in so many different countries it reminds me of Herbie Hancock with whom I shared the stage at the North Sea Jazz Festival in Rotterdam. I saw Susan, Suzanne and Jeroen backstage after the show. I love seeing them. The show was sold out I think and went very well. I always try my hardest in Holland. Rotterdam sure has a big port. It ought to be a hotel in Las Vegas.

I was just in Las Vegas for the first time in many years (NbC – apparently he doesn’t count that show at the House of Blues) there was a charity auction up at Pixar for a showing of “Cars” and I bid for, and won, a trip to Las Vegas and tickets to see O and Ka, Cirque du Soleil shows. My brother is retiring from Medicine. I thought this would be a nice gift for his wife and him. I mention all this because I very badly want to say something about O and Ka. I said many of the things I want to say under my breath and finally quite loudly at the shows themselves. But I find that I am not yet ready to put my thoughts into writing. I will say this: I can play several pieces from the show using only my nose and my buttocks. Sometimes I put on tights, put out some dry ice and just run around as if I were mad! My brother is the best Newman we’ve had so far. It was great to see him and as you may have noticed, I’m a better person because of it.

A word about the title of this entry, there are a lot of things in this town named after Fellini. I think he was born here maybe. Anyone who knows, send your answer to the Newman Foundation in Tulsa, OK along with five Euros.

Grazie.
Randy and Cathy
16 July 2006

Marie Bashkirtseff -- 15 juli 1877

Marie Bashkirtseff (1858-1884) was een Oekraïense schilderes, die na haar dood - ze overleed aan tbc - vooral bekend is geworden door haar dagboek, dat als Waarom zou ik liegen in het Nederlands vertaald is (door Marianne Kaas).

Zondag 15 juli. – Ik verveel me, zo erg dat ik zou willen dat ik dood was. Ik verveel me zó dat, lijkt het, niets ter wereld me kan afleiden, mijn belangstelling kan wekken. Ik wens niets, ik wil niets! Toch wel, ik zou veel wensen: me er niet voor schamen helemaal af te stompen. Niets hoeven doen, kortom, nergens aan hoeven denken, te kunnen leven als een plant, zonder me schuldig te voelen.
Kapitein B... heeft de avond bij ons doorgebracht, we hebben geconverseerd. Mijn conversatie staat me nogal tegen sinds ik heb gelezen wat madame de Staël zegt over het imiteren van de Franse esprit door buitenlanders. Als je afgaat op wat zij zegt kun je je maar beter terugtrekken in je hol en het in geen geval wagen de confrontatie aan te gaan met de superieure Franse geest.
Lezen, tekenen, muziekmaken, maar verveling, verveling, verveling! Naast zijn bezigheden, zijn vertier heeft een mens iets levends nodig, en ik verveel me.
Ik verveel me niet omdat ik een grote meid ben die rijp is voor het huwelijk, nee, als u dat denkt hebt u een te hoge dunk van me. Ik verveel me omdat er niets deugt van mijn leven en omdat ik me verveel!
Parijs is me onverdraaglijk! Het is een café, een hotel waar alles op rolletjes loopt, een bazaar. Nu ja, als het winter wordt, met de Opéra, het Bois, de studie, zal ik er hopelijk aan wennen.

zaterdag 14 juli 2018

Søren Kierkegaard -- 14 juli 1837

Søren Kierkegaard (1813-1855) was een Deense filosoof. Dagboeken.

[63] 14 juli
Iedereen ziet het parodistische van het kleine-stadsbestaan, maar niemand ziet dat de hoofdstad een wereldhistorische hoofdstad aan het naäpen is en toch spreekt men met elkaar en toch drukt de een ogenblikkelijk in kriebelige duodecimo-létters de uncialen van de ander af; toch worden de grote tragedies, scène voor scène en in dezelfde woorden, zowel in het grootste theater als in het vaudeville-theater opgevoerd!

[64] 14 juli
Spitsburgers [kleinburgers] wippen altijd over een fase van het leven heen en daar komt dan hun parodistische relatie tot hen die hun geestelijke meerderen zijn uit voort.
[...] Voor hen is de moraal het hoogste, veel belangrijker dan intelligentie; nooit hebben ze de geestdrift voor het grote, het talentvolle, zelfs in afwijkende vorm, gevoeld. Hun moraal bestaat uit de eenvoudige optelsom van verschillende politieplakkaten; voor hen is het belangrijkste een nuttig lid van de staat te zijn en in hun sociëteit te zitten discussiëren; nooit hebben ze heimwee gevoeld naar een ver, onbekend iets, of naar de diepte van het niets-zijn, nooit het verlangen om Nørreport uit te wandelen met vier stuivers op zak en een lichte wandelstok in de hand; ze hebben geen notie van de levensbeschouwing (die een gnostische sekte tot de hare heeft gemaakt): de wereld te leren kennen door de zonde - en toch zeggen ook zij: je moet in je jeugd uitrazen ('Wer niemals hat ein Rausch gehabt, er is kein braver Mann'); nooit hebben ze een glimp opgevangen van de onderliggende idee: geduwd te worden door een gesloten, geheime deur, die in heel zijn verschrikking opengaat op wat men alleen vaag kan vermoeden, geduwd te worden in dat donkere rijk der zuchten - waar men de vermorzelde offers van de verleiding en de verlokking en de kilte van de verleider aanschouwt.

[65] Zonder datum
In de marge bij 64:
De mensen verwijten anderen dat zij God te zeer vrezen. Heel juist, want om God op de juiste wijze lief te hebben, moet men God eerst gevreesd hebben: de liefde voor God van de spitsburgers echter begint als hun vegetatieve leven gedijt en floreert, als de handen zich behaaglijk op de buik vouwen en als zich van het tegen een zachte fauteuil leunende hoofd een slaperige blik op het plafond richt, naar het hogere; vergelijk het pantheïstische 'wel bekome het ons'.

[66] 19 juli
In de marge bij 65:
'Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf,' zeggen de spitsburgers en deze keurig netjes opgevoede kinderen en thans nuttige leden van de maatschappij - die zeer ontvankelijk zijn voor iedere, voorbijgaande, gevoelsinfluenza - bedoelen daarmee enerzijds, dat als ze iemand om een kaarsesnuiter vragen, hij, ondanks het feit dat hij er een eind vandaan zit, moet zeggen 'natuurlijk' en 'met het grootste genoegen', waarna hij opstaat om hem te halen, en anderzijds, dat men niet mag vergeten de voorgeschreven condoleantievisites af te leggen; maar ze hebben nooit gevoeld wat het wil zeggen dat de hele wereld hen de rug toekeert; want de hele school haringen die hun sociale leven uitmaakt zal natuurlijk nooit toestaan dat dit zal gebeuren; en wanneer iemand ooit serieus hulp nodig heeft, zegt hun gezond verstand hen, dat iemand, die een dringend beroep op hen doet maar naar alle waarschijnlijkheid nooit in de gelegenheid zal zijn hen op hun beurt te helpen, niet hun* naaste is.

[67] 7 oktober
Bij 66:
* Per slot van rekening heeft men geen naaste; want het 'ik' is tegelijk zichzelf en zijn naaste, het gezegde luidt immers: je bent jezelf het naast (dat wil zeggen, je bent je eigen naaste).