donderdag 15 december 2016

Adriaan van Dis -- 15 december 1996

Adriaan van Dis (1946) is een Nederlandse schrijver. In 1996 hield hij op verzoek van NRC Handelsblad een 'Hollands Dagboek' bij.

Zondag
Geest is mogelijk wilde kat. [zie 9 december] Maar hoe verklaar ik de sporen van de klap? Aan het werk. Naar de Puncak, het gebergte buiten de stad, een echte oud-Indischgast ontmoeten, de heer Rudy van Blommestein, nazaat van een plantersfamilie, in '57 vertrokken en in '64 alweer terug als vertegenwoordiger van een bank? Hij praat over Jakarta met een vooroorlogs stratenplan in zijn hoofd. Bisschopsplein, Oranjeboulevard, Van Heutzboulevard.Hoor hier andere geluiden: “Groot respect voor Soeharto”... “democratie niks voor Indonesië”.... “berichten over schending mensenrechten sterk overdreven”.... “ethisch was bij ons thuis een vies woord”. Van Blommestein jent mij. Toch zeer betrokken bij het wel en wee van de Indonesiërs: “Vroeger stond ik boven de bevolking, nu sta ik er tussen. Er is de afgelopen 20 jaar enorm veel gepresteerd.” Gezellig rechts zullen we maar zeggen. Alsof ik mijn vader hoor. We eten onze geschillen weg. Als een verrassingstoetje: zuurzak. Maar ook die smaak kende ik al van vroeger. Terug naar de stad, onderweg naar de Chinese partij in Koto (oud-Batavia) zie ik de verworvenheden van het moderne Indonesië in de autoruiten spiegelen: wolkenkrabbers, banken en shoppingmalls en files, files. Weer eten. Waar laat ik het. En dan thuis de verrassing: een complete verjaarspartij met 20 man, bekenden en onbekenden. En taart van Lina, Erik's Chinese verloofde. Pink droge tranen weg. Uit Nederland gevlucht voor mijn 50ste verjaardag, word ik hier in het Bahasa toegezongen. Dank je wel Erik. Aminah en Atti, de kokkinnen, hebben Oost-Javaans gekookt. Als voorbereiding op de reis, morgenochtend, naar Malang. 2.10 uur duik in het zwembad. Mooie manier om de tweede eeuwhelft in te gaan. Hoewel, nog maar 21 jaar te gaan.

Maandag
5.30 uur op, 5.45 uur taxi. Eerste keer alleen op reis. Praat Italiaans tegen taxichauffeur. Voel me al 71. Moe naar Malang. Lees in de Jakarta Post dat Pram “bij verrassing” de Unesco Madanjeed Singh-prijs op de mat vond. “For promoting peace, tolerance and non-violence”. Schrijver, familie en Unesco-woordvoerder wisten van niets. “De prijs ging eerder naar een Russische en Cubaanse schrijver” merkt de krant fijntjes op. Het eerste wat ik na aankomst doe: een wandeling door Bromostraat waar twee van mijn zusters zijn geboren. Ik sta lang tegenover hun geboortehuis en blader in gedachten door het vergeelde familie-album. De veranda, de tuin met wasbeer, de boom met de koeliantak... het ziet er allemaal nog net zo uit. Voor het eerst sta ik in hun foto.

Dinsdag 17, woensdag 18 december
Te grote avonturen voor een te klein dagboek. Een oude Chinese buurman uit de Bromostraat belooft een tijgertand voor me op te sporen. Hij praat goed Hollands en zit boordevol verhalen. In Malang borrelt een boek waar ik eens aan zal moeten geloven.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen