maandag 15 mei 2017

Hans van Straten -- 16 mei 1969

• De omgevallen boekenkast van journalist, schrijver en boekenliefhebber Hans van Straten (1923-2004) is een verzameling gevarieerde anekdoten, herinneringen, droomverslagen, dagboekfragmenten en aforismen, die vrijwel allemaal op de een of andere manier over boeken en schrijvers gaan.

16 mei 1969
De Amsterdamse studenten hebben het Maagdenhuis bezet. Als ik daarbij had kunnen zijn! Marsman klaagde dat hij eeuwen en eeuwen te laat was geboren, ik ben het precies twintig jaar te vroeg.

Ik ben verzot op anekdoten, dat blijkt afdoende uit dit schriftuur, maar er is een bepaald soort verhalen waarvoor je een beetje moet oppassen. Dat zijn oude anekdoten over leden van het koninklijk huis. Het aantal apocriefen moet wellicht bij gebrek aan werkelijk interessant materiaal aanzienlijk zijn.
Voorbeeld. Toen de Boerenoorlog voor de Boeren een ongunstige wending nam, stuurde de nauwelijks twintigjarige koningin Wilhelmina een kruiser om de grijze president Paul Kruger in veiligheid te brengen. Stel u voor, het moment waarop Oom Paul door de jeugdige vorstin werd ontvangen! De oude man wist echt niet hoe hij zich moest houden. Uit ontroering of uit onwetendheid, wie zal het zeggen, nam hij zelfs een slok uit zijn vingerkommetje. En hoe hartelijk, hoe onbevangen reageerde daarop onze koningin! Zij nipte ook maar even aan haar kommetje.
Een allerliefst verhaal, maar in Engeland vertelt men dezelfde historie met in de hoofdrollen koningin Victoria en een van haar hoge onderdanen uit de Commonwealth, en in Amerika was het een president die een Indiaans opperhoofd ontving.
Voorbeeld 2. Prins Hendrik zat eens aan bij een diner waar een lakei zich over zijn schouder boog en fluisterde: "Wollen Sie Gruyère-Kase?" Waarop hij gezegd zou hebben: "Wo ist das Luder?"
Ik wéét het niet, die kale Mecklenburger was er misschien niet te goed voor, maar anderzijds ook weer niet spiritueel genoeg. Waarmee ik niet wil zeggen dat dit geen aardige verhalen zijn om een dood punt in de conversatie mee te overwinnen.

Ook een vorm van onsterfelijkheid: acht jaar nadat wij Nescio hebben begraven, vermeldt de telefoongids van Amsterdam nog altijd J. H. F. Grönloh, Linnaeushof 57, 50522.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen