zondag 8 januari 2017

Graham Greene -- 10 januari 1954

• Graham Greene (1904-1991) was een Britse schrijver. In Vluchtwegen (vertaald door P.H. Ottenhof) zijn ook dagboekfragmenten van hem opgenomen.

10 januari 1954. Hanoi.
Met Franse vrienden naar de Chinezenwijk van Hanoi. Eerst gingen we bij onze Chinese vriend aan die boven zijn pakhuis met gedroogde medicijnen uit Hong Kong woont - balen en nog eens balen vol knisperende kwakzalversmiddelen. De hele familie zat met de hond en de kat bij elkaar in één bovenkamer-man en vrouw, dochters, grootouders, neven en nichten. Na een kop thee brachten we een bezoek aan een familielid -afwisselend bekend als Slangekop en als De gelukkigste man ter wereld. Al deze Chinese huizen nemen weinig straatruimte in, maar lopen vanaf de straat een heel eind naar achteren door. De gelukkigste man ter wereld zat daar tussen de nauwe wanden als in een tunnel, met een dunne pyjama aan - hij nam nooit de moeite zich aan te kleden. Hij was rijk en had de zaak van zijn vader geërfd voor net nodig was dat hij ging werken, toen zijn zoons al oud genoeg waren om het werk voor hem te doen. Hij leek zelf wel op een stuk gedroogde medicijn, door de opium tot een geraamte uitgeteerd. Op de achtergrond bouwden de mahjongspelers hun muren, wierpen ze omver en wasten de stukken. Ze hoefden de stukken die ze oppakten niet eens te bekijken, ze konden de afbeelding noemen door ze met een vinger aan te raken. Het spel maakte een lawaai als een stormachtige vloed die de kiezels op een strand omrolt. Ik rookte twee pijpen bij wijze van aperitief en kwam na het diner in de New Pagoda terug om er nog vijf te roken.

11 januari 1954. Hanoi.
Diner bij Franse kennissen en na afloop zes pijpen gerookt. Kanongebulder en het dreunende geluid van helikopters laag over de daken die de gewonden binnenbrengen van... ergens. Hoe dichter je bij de oorlog zit, des te minder weetje van wat er gebeurt. In de kranten in Hanoi staat minder dan in de kranten van Saigon, en daarin staat weer minder dan in die in Parijs. Het lawaai van de helikopters had een vreemde uitwerking op het opiumschuiven. Het dempte het zachte gepruttel van de was boven de vlam, en omdat de pijp geen geluid maakte leek de opium veel van zijn aroma verloren te hebben, zoals een sigaret zijn smaak verliest in de openlucht.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen