zondag 10 mei 2015

Keith Vaughan -- 11 mei 1945

Keith Vaughan (1912-1977) was een Britse schilder. Zijn dagboeken zijn in het Nederlands vertaald door Harry Oltheten, onder de titel Dagboek 1939-1977.

11 mei 1945
Paul - de Duitse tolk - kwam vanmiddag op kantoor en ik. vroeg hem wat het gevoel in het kamp was over de Duitse overgave.
'Het is moeilijk een algemene opinie te geven,' zei hij, 'er worden niet veel woorden aan gespendeerd. Ze verdringen zich bij elk nieuwsbulletin om de radio en wanneer dat voorbij is verspreiden ze zich zonder iets te zeggen. Maar ik heb met velen van hen gepraat. De nazi's zijn over het algemeen met stomheid geslagen. Zij geloven niet wat er gebeurt. Ze geloven de feiten natuurlijk wel maar niet wat ze inhouden. Het idee van een nederlaag kunnen ze niet bevatten. Ze zijn opgegroeid in het besef dat een Duitse nederlaag hun persoonlijke destructie betekent. Ze kunnen de nederlaag niet rijmen met hun voortbestaan. Zolang zij nog bestaan kunnen ze niet geloven dat het gedaan is met het nazidom. Ze denken dat de Duitse overgave een soort tussenstadium is waarin beide zijden zich kunnen hergroeperen. "Waarom denk je dat we zo worden behandeld?" vragen ze, "al dit voedsel en die comfortabele barakken en ook nog heet waswater; daar kan maar één reden voor zijn: ze willen dat we met hen meevechten tegen de Russen."
Dit vinden ze een veel natuurlijker idee dan de situatie dat ze niemand moeten bevechten. Ze kunnen zich geen bestaan voorstellen dat niet gericht is op een oorlog met iemand. Ze zijn helemaal niet bitter gestemd. Er was nooit een diepe haat tegen de Engelsen. Ze voelen zich gekwetst en vernederd dat jullie je altijd plompverloren aan de verkeerde kant met Europese oorlogen komen bemoeien. Maar ze nemen jullie niet veel kwalijk. Ze willen het wel door de vingers zien als jullie vlug bij je positieven komen en meehelpen de Russen uit Duitsland te verdrijven.'
'Welke rol speelt Hitier nu in hun levens? Hoe reageren ze op de berichten over zijn dood?' vroeg ik.
'Ik kan alleen maar zeggen dat een paar van de jongsten huilden toen ze het hoorden.'

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen