zondag 13 juli 2014

Jacob van Lennep -- 14 juli 1823

Jacob van Lennep (1802-1868) was een Nederlandse schrijver. In 1823 maakte hij wandelend een petit tour door zomers Nederland. Van deze tocht hield hij een dagboek bij, onder de titel Nederland in den goeden ouden tijd.

Maandag 14 July.
Te zeven ure verlieten wij het bed en vermaakten ons met het lezen van al de gekheden te Haarlem bij gelegenheid van het L. Costersfeest* gedebiteerd. Een uur later wandelden wij de Willemsvaart langs. Dit kanaal, in 't vorige jaar voltooid, vereenigt den IJssel met den stadsgrachten en dus met het Zwarte Water: daar te voren de schepen eerst om van Deventer naar Zwol te komen den IJssel af moesten zakken, de Zuiderzee in zeilen en het Zwarte Water tot de Stad moesten opvaren, leggen zij nu dien ganschen tocht in een kwartier uurs af. Den IJssel voeren wij in eene boot over en kwamen te 9 ure in Hattem. Deze elendige stad doorgewandeld zijnde, begaven wij ons door korenvelden heen over de heide naar den berg in derzelver nabijheid gelegen, beklommen dien en genoten een uitgestrekt panorama over de omleggende landstreek, tot aan Nijkerk toe. Onder aan den berg ligt het kasteel Mole Cate, thands eene woonplaats van honden. Naast hetzelve zijn twee papierfabrieken, dewelke een beekje dat van den berg afhuppelt aan den gang brengt. Te Hattem gekeerd, dronken wij koffi. Zeer diep is het verval dier stad, dezelve is bijna niet door te rijden wegens de slecht geplaveide straten: echter betaalt men hier als in de meeste Overijsselsche steden zeer veel aan straatgeld. De poorten zijn zoo klein en laag dat geen gewone Hollandsche koets of chais er door zoude kunnen. Langs een' anderen weg keerden wij terug, zagen aan den IJssel twee steenovens die veel te doen hebben wegens de geringe prijs der aldaar gemaakte steen. Na den eten legden wij een afscheidsbezoek bij Mevr. Tobias af, waar wij thee dronken: haar man kwam te vijf ure bij ons en deed opnieuw eene wandeling met ons rondom de stad, terwijl zijn aangenaam en nuttig gesprek ons veel vermaakte en leerde. In de societeit dronken wij met hem wijn tot half negen, keerden huiswaarts, pakten ons goed en zochten het ledikant op.

* De uitvinding van de boekdrukkunst door Laurens Janszn Coster werd herdacht op het grote feest in de St. Bavo te Haarlem op 10 en 11 Juli 1823.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen