dinsdag 5 juni 2018

Robert Graves -- 6 juni 1915

• De Britse schrijver Robert Graves (1895-1985) was soldaat in WO 1. In Dat hebben we gehad (vertaald door Guido Golüke) zijn ook een aantal dagboekfragmenten van hem uit die periode opgenomen.
In 1916 zou hij zelf zwaargewond raken tijdens de bijna vijf maanden durende Slag aan de Somme, waarbij meer dan een miljoen doden en gewonden vielen.

6 juni. We zijn ingekwartierd in Béthune, een vrij grote stad ongeveer tien kilometer achter de frontlijn. Er is alles wat je je kunt wensen: een zwembad, allerlei winkels, vooral een banketbakkerij, de beste die ik ooit heb gezien, een hotel waar je echt goed kunt eten, en een theater waar we brigadevoorstellingen hebben. Ik zag vanmorgen een aanplakbiljet op de muur van een gebouw aan het kanaal van Béthune naar La Bassée: 'Op last van de plaatselijke commandant is het de troepen verboden vissen te bombarderen.' Béthune heeft heel weinig schade geleden, behalve de wijk Faubourg d'Arras, bij het station. Ik ben ingekwartierd bij de familie Averlant Paul in de Avenue de Bruay, mensen van de ambtenaarsstand: vluchtelingen uit Poimbert. Ze hebben twee zoontjes en een wat oudere dochter, die in de vierde klas van de plaatselijke middelbare school zit. Ze had gisteravond problemen met haar kuiswerk en vroeg me haar te helpen met het schrijven van de theorie van de decimale breuken. Ze liet me haar aantekeningen zien; ze zaten vol afkortingen. Ik vroeg waarom ze zoveel afkortingen had gebruikt. Ze zei: 'De lerares praatte heel vlug omdat we erg veel haast hadden.' 'Waarom hadden jullie zo'n haast?' 'O, omdat jullie troepen in een gedeelte van de school zijn ingekwartierd en de Duitsers de school beschoten, moesten we steeds de schuilkelder in, en telkens als we terugkwamen was er minder tijd over.'

Geen opmerkingen:

Een reactie posten