donderdag 4 februari 2016

Edmond de Goncourt -- 5 februari 1889

Edmond de Goncourt (1822-1896), Franse schrijver, criticus en uitgever, hield samen met zijn broer Jules (1830-1870) (en na diens dood alleen) een beroemd geworden dagboek bij.

Dinsdag 5 februari
Een vreemde, nachtmerrie-achtige droom. Ik was ter dood veroordeeld wegens een misdaad die begaan was in een stuk van mijn hand, een misdaad waarvan ik me in mijn droom geen helder beeld kon vormen, en Porel was de directeur van de gevangenis, Porel met de strenge ogen van de geïrriteerde directeur. Hij gaf me te verstaan dat ik de volgende dag naar de guillotine geleid zou worden, waarbij hij me alleen de keus liet dat het ’s morgens om zeven uur zou gebeuren in plaats van om vijf uur. Het enige dat mij interesseerde was dat ik geen moment van zwakte zou hebben bij het bestijgen van het schavot, om mijn literaire roem niet te schaden.

Vanavond naar het théâtre de l’Odéon geweest voor de laatste voorstelling van Germinie.
Ik trof Réjane aan, die helemaal opging in haar rol. Ze bracht me naar haar kleine kleedkamertje achter op het toneel en terwijl ze een andere jurk aantrok, waarbij ze met de onbekommerdheid die actrices in dat soort dingen eigen is, haar boezem en de moedervlek onder haar oksel liet zien, dankte ze me heel, heel hartelijk dat ik haar de rol gegeven had.
Toen ben ik even naar de foyer geweest, waar mijn kleine actrices tot hun verdriet de dag zagen naderen waarop ze niet meer zouden spelen en niet meer iedere avond hun kabaal konden maken boven in het theater.
Porel die, toen ik hem trof, in zijn broekzak wat twintigfrankstukken liet rinkelen, zoals winkeliers dat plegen te doen met het geld dat ze hebben binnengekregen, Porel zei dat ze nu in totaal boven de 82.000 frank zaten, en verzekerde me dat er op het ogenblik winst werd gemaakt.
De zaal was vol, en vol met mensen in rok, en ook met mensen op de goedkope plaatsen die zich lieten amuseren en interesse voor het stuk toonden. Geen gefluit, geen boegeroep, geen enkele vijandige reactie. Er werd voortdurend geapplaudisseerd, en wel voor iedereen, zelfs voor Mme Jupillon, en na iedere scène werden de spelers teruggeroepen. Het kwam me allemaal voor als iets volstrekt ongehoords.

Woensdag 6 februari
Bezoek van Gabriel Martin, een decadente en langharige dichter, die eruitziet als een pastoor uit het zuiden die in dienst is genomen om reclame te maken voor de verkoop van Pommade du Lion.
Na de generatie eenvoudige, natuurlijke mensen, die de onze zeker is, en die volgde op de generatie van de romantici, die in het gewone leven allemaal aanstellers en komedianten waren, begint dan nu met de ‘decadenten’ weer een generatie van aandachttrekkers, mensen die uit zijn op effectbejag en op het epateren van de bourgeois.
Als men op etenstijd zijn huis openstelt, zijn er ook altijd mensen; maar als de ontvangst schraal is, zoals bij Flaubert of bij mij, en het nieuwtje is eraf, dan houdt men alleen maar de echte goede vrienden over en twee of drie non-valeurs.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen