maandag 20 oktober 2014

Ernst Heldring -- 21 oktober 1920

Ernst Heldring (1871-1954) was een Nederlandse reder, bankier en politicus. Zijn dagboeken zijn te lezen bij de dbnl.

21 October 1920.
Dezer dagen woonde ik de plechtigheid bij van het onthullen van een gedenkteeken aan het huis op de Westermarkt, waarin Descartes gewoond heeft. De zaak was door de Alliance Française op touw gezet en werd des avonds door een diner in het Amstel Hotel besloten. Van Fransche zijde werd het Hollandsche initiatief ditmaal met meer attentie beantwoord dan bij zulke gevallen sedert den oorlog te constateeren viel. De Fransche Regeering was door den Franschen gezant, de Académie Française door Doumic vertegenwoordigd; door Paul Labbé, den secretaris-generaal der Alliance, werd een persoonlijk schrijven van Poincaré voorgelezen en van onzen kant werd vermeden dingen te doen of te zeggen die den indruk moesten verwekken, dat de aanwezigen om de gunst van Frankrijk bedelden. De toespraken der Franschen waren goed en hielden iets meer in dan de courtoisie welke men van hen gewend is. Zij waren hartelijk van toon, doch uit het feit dat Poincaré uit zijn slof schoot, terwijl de Action Française, de Gaulois, de Figaro, de Débats en de Temps complimenteuze artikelen over het initiatief der Hollanders bevatten, ben ik geneigd af te leiden dat men in conservatieve kringen nog hoopt op een Nederlandsche aansluiting aan het Fransch-Belgische verbond. Dergelijke ijdele verwachtingen zouden tot niets dan teleurstelling leiden.
Gisteren hadden we bij de Koninklijke West-Indische Maildienst Van der Houven van Oordt, Van de Sande Bakhuyzen (den consulgeneraal), Snouck, s'Jacob (directeur der Handelsinrichtingen) met hun dames te gast. Ik hoorde van Van Oordt, dat men nog geen opvolger voor Staal als Gouverneur van Suriname heeft, maar wat erger is, dat de tegenwoordige minister - de Graaff - een tegenstander van wegenaanleg in de kolonie is, de allereerste economische noodzakelijkheid. Het is hopeloos voor de toekomst van het gewest als zulke denkbeelden in onzen tijd aan het Plein overheerschen. Van de Sande Bakhuyzen gaat naar Chili, teneinde de faits et gestes van den gezant aldaar - Van Oord van Lauwenrecht - die abnormaal schijnt te zijn, ter plaatse te controleeren. Een andere gezant, die Nederland door zijn bespottelijk optreden schaadt, is Hendrik Muller te Boekarest. Ik hoor daar telkens merkwaardige staaltjes van. Bakhuyzen blijft, hoor ik, voor Rusland in petto; hij is een uitstekende kracht.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen