zondag 20 augustus 2017

John Lanting -- 20 augustus 1982

John Lanting (1930) is een Nederlandse acteur. In 1982 hield hij voor NRC Handelsblad een 'Hollands Dagboek' bij.

Donderdag 19 augustus
Als het de bedoeling is dal ik vanaf donderdagmorgen begin te vertellen dan is het nu al mis. Het is vandaag vrijdag en gister had ik geen tijd. De voorstellingen van 'Een Scheve Schaats' lopen alweer en in de dagen, pal na zo'n eerste aantreden zijn er steeds twee dingen die met de grootste snelheid gedaan moeten worden: uit een honderdtal spelfoto's moeten de beste gezocht worden en ook moet ik het script nalopen, want met de klank van de voorstelling nog in mijn oren kan ik dan precies zeggen waar nog iets bijgesteld kan of moet worden. Neemt dat dan de hele dag in beslag? Nee! Maar gister zag ik dat de dakgoot overliep. Ik dacht: die goten maak ik wel even schoon. Edoch, meer en meer kom ik tot de ontdekking dat het woordje 'even' niet meer in mijn vocabulaire past. Het zal wel aan mijn leeftijd liggen. Niks gaat bij mij meer 'even'. Het kluchtwerk heeft me ook super perfectionistisch gemaakt. Overigens d'r komt wat uit die dakgoten tevoorschijn: naast het gebruikelijke blubber-bladerentafereel, vond ik twee dooie vogels, zes tennis- en hockeyballen van m'n zoon en iets dat ik aanvankelijk voor een damescorset versleet maar bij nadere inspectie (het was geen ongezellige dag gisteren) een stuk van een amateurparachute bleek te zijn. Kortom: gisteren kon ik de pen niet ter hand nemen.

Vrijdag
Vandaag is dat anders. Ook vanavond weer - net als gisteren - voorstelling in Scheveningen. Ik besloot overdag wat te gaan lummelen. Het is leuk dat ik dit dagboek juist nu moet schrijven want in de periode hiervóór zou ik geen tijd gehad hebben. Dan is het 's morgens, 's middags, 's avonds en 's nachts werken en daar tussendoor ook nog. Dat is de periode dat de nieuwe produktie ter hand wordt genomen: repeteren, leren, décorbespreken, programmaboekje, foto's maken, praten en discussiëren en zorgen dat je op het juiste moment het goeie opbeurende woord zegt. Deze periode is heerlijk en vreselijk tegelijkertijd: de slapeloze nachten met die ene gedachte: lukt het wel of lukt het niet. Voor een klucht geldt maar één ding: hij moet 100% zijn, is ie dat niet dan is ie nul procent-niks. Vandaag besloot ik dus te lummelen. Verbaasd zijn dat je buurman er ook nog is. Kijken hoe de merel een worm uit Gods aardbodem peutert. Natuurlijk wel de nodige telefoontjes maar verder kon ik mijmeren. En dat kun je dan doen over de toekomst of over het verleden. Ik koos het laatste. Over de toekomst ben je zo gauw uitgepraat: kan ik de mensen in de komende jaren laten lachen een avond lang? Ja? Nou, dan zit het met het Theater van de Lach wel snor.
Vanmiddag deed ik een boodschap op de fiets en mijn gedachten gingen terug naar één van de belangrijkste periodes van mijn leven (pas op mensen, nu begin ik serieus te worden en dan ben ik vaak onuitstaanbaar - sla maar over en neem de draad op bij zaterdag dan moet ik grasmaaien en wie weet wat ik wel onder de struiken vind - misschien wel een stuk van die parachute die bij nadere inspectie dan toch een corset blijkt te zijn). Die belangrijke periode dus. In de vierde klas van de HBS - dat was in 1949 - stopte ik plotseling. Ook toen wisten alle schoolverlaters dat er geen baan te krijgen was. Dat was de tijd dat iedereen wilde emigreren. Thuis zeg ik: 'Ik ga de wijde wereld in.' 'Zorg dan eerst dat je dat diploma hebt/ zei m'n vader (dat zeggen vaders nu nog). Ik bleef bij mijn voornemen en hoorde mijn vader roepen. 'Dan zoek je het zelf maar uit, maar dan ook helemaal zélf, begrijp je wat dat betekent?' 'Ja pa.' Ik ging liftend door Europa en Afrika. Een handvol ambachten en twee handenvol ongelukken. De navelstreng had ik a.h.w. zelf doorgesneden.
Vanavond dus voorstelling in Scheveningen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen