vrijdag 13 juni 2014

Jules Renard -- 13 juni 1904

Jules Renard (1864-1910) was een Franse schrijver. Zijn Dagboek 1900-1910 is verschenen in de Privé Domein-reeks.

13 juni
De gemeente. Bezoeken afgelegd, gisteren. Mevrouw Paul. Sommige spieren verlamd, de spieren die de zaak bij elkaar moeten houden, zodat ze alle kanten op valt, het arme mens. De dochter leest de artikelen van de dichter Ponge graag, die van 'meneer Jules' ook. Ze zegt tegen me dat haar vader zich heeft opgeofferd, dat hij heeft gedaan wat hij kon, en ze voegt eraan toe: 'Meneer Jules is trouwens intelligent genoeg om dat te begrijpen.'
Op de weg komen we hem tegen. Een verschrikkelijke onbenul. Een vierkant blok mensenvlees, een gezicht alsof het overal met een klein hamertje is bewerkt, de neusgaten vol zwarte insekten of snuiftabak.
'We wilden net bij u op bezoek komen,' zeggen we.
Stokstijf blijft hij staan: hij weet niet wat er van hem wordt verwacht.
De arme Marinette geeft het kleine meisje dat hij bij de hand houdt, een zoen. We praten wat. Dan gaat hij verder. Hij bevond zich op de weg, hij blijft op de weg staan. Hij nodigt ons niet uit om binnen te komen.
Bij Gâteau. Hij is niet thuis. Zijn vrouw ontvangt ons, ontvangen is een groot woord. Tweeëndertig jaar huishouden en vangen is een groot woord. Tweeëndertig jaar en kwezelarij! Hout! Uitgedroogd, verkoold hout, aangevreten door gierigheid en afgunst. Oh, de arme man die is overgeleverd aan... die kerel! Een dienstmeid die denkt dat God niets anders aan zijn hoofd heeft gehad dan haar wat geld te laten verdienen. Toch zegt ze ons te gaan zitten, maar zelf blijft ze staan. Ze heeft een getrouwde dochter. Uiteindelijk biedt ze ons een glas wijn aan, die ze zo ver mogelijk in haar kelder heeft weggestopt.
'Oh, ik ken u goed, en al zo lang!' zegt ze, alsof ze zich schaamde over de wijze waarop ze ons ontvangt, alsof al het hout waaruit ze is opgetrokken, ieder ogenblik uiteen kan vallen.
Een verschrikking, produkt van een pastoor en een dienstmeid in een vochtige kerk, gemaakt van kaarsvet dat in koud water is gedompeld.

Vertaling: Frans de Haan en Marianne Kaas

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen