woensdag 19 september 2012

Piet Buwalda -- 20 september 1989

De Intourist-juffrouw heeft mij eigenlijk afgeraden vanavond naar de Opera te gaan. Op het programma stond een 'lokale' opera, zei ze, en ook nog in de Oezbeekse taal. Maar de Amerikaanse diplomaat George Kennan heeft in zijn memoires grote bewondering geuit voor de inwoners van Tasjkent, die midden in de Tweede Wereldoorlog hun Operagebouw hadden weten te voltooien. Dat wil ik dus toch zien.
Het was te lopen, zei de juffrouw, maar ik besluit de metro te nemen, want die zou volgens de lokale opvattingen nog mooier zijn dan die in Moskou. Dat blijkt een kwestie van smaak.
Vanuit de metro is het Operagebouw daarna wat moeilijk te vinden en ik ben dus aan de late kant. Er is in feite zo weinig drukte voor het gebouw dat ik mij afvraag of dit wel de goede plek is. Maar bij de controle wordt mijn kaartje zonder probleem afgescheurd en ik kan de zaal inlopen, hoewel de voorstelling al is begonnen. Ik kijk om mij heen om mijn rij te vinden en ontdek iets heel merkwaardigs: geen mensen! Nog eens rondgekeken en ja, hier en daar valt toch iemand te bekennen. In de pauze blijken er welgeteld 17 mensen in de zaal te zitten...
Er wordt een volledig geënsceneerde opera opgevoerd, met solisten, koor, ballet en orkest in de bak. Samen met de toneelknechten, belichtingsoperateurs, ouvreuses en nog zowat, moeten er die avond een 150 mensen in dienst geweest zijn - voor 17 toeschouwers!
Langzaam aan wordt mij duidelijk wat de oorzaak van dit debacle moet zijn geweest. De opera is door een lokale componist gecomponeerd ter ere van de zeventigste herdenkingsdag, twee jaar geleden, van de 'Grote Oktober Revolutie'. Het libretto is een volledige draak, de muziek inhoudsloos en lelijk. Maar dat alles zou de Oezbeki's misschien toch nog niet zó hebben afgeschrikt. De ware reden zit waarschijnlijk in het verhaal zelf, dat beschrijft hoe arme, door de laatste Khan onderdrukte Oezbeki's aan Lenin, die persoonlijk op het toneel verschijnt, om hulp en bevrijding vragen, waardoor de zegeningen van de revolutie ook over hun land worden uitgestort. Juist dat gaat er kennelijk bij de bewoners van de Oezbeekse hoofdstad in de tijd van Perestrojka en Glasnost niet meer in.


Piet Buwalda (1925) was van 1986 tot 1990 Nederlands ambassadeur in Moskou.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen