maandag 21 mei 2018

Viktor Sjklovski -- 20 mei 1922

• 'Schrijver's schrijver' Viktor Sjklovski (1893-1984) volgt in zijn Sentimentele reis (vertaald door Charles B. Timmer) de gebeurtenissen in Rusland zoals die plaatsgrepen tussen 1919 en 1923.

20 mei 1922
Ik ga verder met schrijven.
In lang heb ik niet zoveel geschreven, alsof ik van plan ben dood te gaan. Heimwee en een rode zon. Avond.
Ik ben in Moskou gearriveerd. Het trefpunt was in Syromjatniki. Het is kort daarna opgerold.
In Moskou heb ik Lidija Konopljova ontmoet, een blondine met roze wangen. Zij sprak met een Vologda-tongval. Zij was toen al links georiënteerd. Dat kwam haar goed van pas. Ze vertelde dat de boeren op het dorp waar zij onderwijzeres was de bolsjewieken hadden erkend. […]
Mij brachten ze onder op ongeveer zeven werst van de stad, in het krankzinnigengesticht van Saratov. [...]
Ik heb er tamelijk lang gewoond.
Soms heb ik ook wel vlak onder de rook van Saratov in een hooimijt geslapen, maar herinner me niet meer om welke reden.
In het hooi slapen is een kriebelige bedoening en je krijgt er al heel gauw een erg ónsteeds uiterlijk door.
Dan word je ‘s nachts wakker en kijk je, na even wat omhoog te zijn gekrabbeld, naar de zwarte hemel met zijn sterren en dan lig je te peinzen over de zinloosheid van het leven.
De ene zinloosheid die op de andere volgt en het lijkt allemaal zo goed gefundeerd – alleen met in het open veld onder een sterrenhemel.
Tijdens mijn verblijf vonden de transporten plaats van Oostenrijkse krijgsgevangenen naar hun vaderland. Velen van hen hadden helemaal geen zin om te gaan. Zij waren zich bij vreemde vrouwen al lekker thuis gaan voelen. De vrouwen huilden.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten