donderdag 29 november 2012

Victor Hugo -- 30 november 1870

30 november
De hele nacht kanongebulder. De gevechten gaan door.
Toen ik vanochtend de deur uitging voor mijn passus mille [Hugo's dagelijkse wandeling van duizend passen], verkocht een colporteur op de boulevard Rochechouart Napoléon le Petit, en de menigte omhemheen riep 'Leve Victor Hugo!', zodat ik maar op mijn schreden ben teruggekeerd.
Gisteravond om twaalf uur, toen ik door de rue de Richelieu terugkeerde van het pavillon de Rohan, zag ik even voorbij de Bibliothèque, terwijl de straat volkomen verlaten was, alles dicht en donker en als ingeslapen, een raam opengaan op de zesde verdieping van een heel hoog huis, en een fel licht, dat mij het schijnsel leek van een olielamp, verscheidene malen verschijnen, verdwijnen, naar buiten komen, naar binnen gaan; daarna ging het raam weer dicht en werd de straat weer donker. Was het een signaal?
Aan drie kanten rond Parijs is het bulderen van de kanonnen te horen, in het oosten, het westen en het zuiden. De omsingeling van de Pruisen wordt namelijk op drie punten tegelijk aangevallen: door La Rondere bij Saint-Denis, door Vinoy bij Courbevoie, en door Ducrot aan de Marne. La Rondere zou een Saksisch regiment tot overgave hebben gedwongen en het schiereiland Gennevilliers hebben schoongeveegd; Vinoy zou de Pruisische verdedigingswerken tot voorbij Bougival hebben vernietigd. Ducrot is de Marne overgestoken, heeft Montmesly tot tweemaal toe heroverd en heeft bijna Villier-sur-Marne in handen. Het gevoel dat het horen van de kanonnen oproept is een enorme behoefte om erbij te zijn.
Pelletan laat mij vanavond door zijn zoon, Camille Pelletan, het bericht van de regering brengen dat het morgen de beslissende dag is.


Victor Hugo (1802–1885) was een Frans schrijver, dichter, essayist en staatsman. Vertaalde dagboekfragmenten van hem zijn gepubliceerd als Zelf gezien.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen