• Boekhouder, 26 jaar - Texel. Uit: Dagboekfragmenten 1940-1945,
geselecteerd door T.M. Sjenitzer-van Leening
Vrijdag 13 April 1945
- Vanmiddag om 4 uur begon de strijd weer in den Polder. De hele morgen was het rustig geweest. Den Helder en de Z.Batterij kwamen weer puur in actie. De ‘Korenschoof’ ging vanmiddag in vlammen op. Daar het vandaag nogal donker weer was, kon men alles niet zo goed bekijken. Vanmorgen kwam er 'n Mof op 'n motor om spek. Hij moest spek hebben, zei hij. Vader zou hem 'n stukje brengen maar hij liep achter hem aan naar de schoorsteen en zei: ‘Alles moet ik hebben voor m'n zieke kameraden.’ Twee hammen deed hij in de zak en was toen vol. De rest liet hij hangen
Zaterdag, 14 April 1945
- De hele dag rustig geweest tot s'avonds 8 uur. Toen schoot de Z. Batterij een paar malen in de richting van Cocksdorp. Verder vandaag niets geen bijzonders.
Zondag, 15 April 1945
- 't Is vandaag ook tamelijk rustig geweest. Zo af en toe hoort men eens een paar geweerschoten maar anders niets. Vanavond om 'n uur of zes kwamen hier 'n drie tal gewapende Duitsers aan, vragend om wat brood, spek of andere levensmiddelen. Deze lui waren nogal tamelijk fatsoenlijk. Zij waren vanmorgen hier op Texel aangekomen uit den Haag vandaan. Nog een paar dagen vechten, zeiden ze en dan zijn de Russen verslagen. Ze waren vol goeie moed. Het zou hen nog wel even opbreken, denk ik. Ze kregen deze keer voor hun drieën een brood en zes eieren.
Terzelfdertijd, dat hier deze 3 jonge moffen waren ging hier ook nog 'n moffenwagen voorbij met een stuk of zes soldaten. Zij gingen ook om eten uit maar op 'n brutale manier, op z'n mofs. Eerst gingen ze naar J. Hin. Ze liepen de boerderij binnen en dreven Jaap onder bedreiging te zullen schieten met de revolver in 'n hoek van de kamer. Ook de andere gezinsleden hielden ze met de revolver in bedwang. Daarna gooiden ze alles omver en doorzochten het huis. Ze namen al z'n spek en boter, wat ze konden vinden mee. Ook de voorhanden staande inmaakpotten. Daarna gingen zij naar Gerrit Witten. Daar konden ze niet veel bijzonders vinden. Gerrit had alles al verstopt. Ze liepen daarom kwaad weg en schoten aan de weg nog een paar schapen van hem dood. Zij waren met 'n vrachtauto. Ze konden daarom 'n boel laden. Ze reden Spang weer verder in en hielden stil bij Jaap de Wit. Daar gingen ze precies zo te werk als bij Jaap Hin. De gezinsleden dreigden zij met hun revolver en haalden dan de hele spekkuip leeg. Ook namen ze 'n emmer met vet, wat suiker, jam en likeuren mee zelfs pakjes pudding. Van Jaap de Wit gingen ze naar P. Hin. Deze man kreeg ook de revolver op zijn borst gedrukt en zijn vrouw moest hen alles wijzen. Daar werden ook weer spek en andere levensmiddelen opgeladen. Ook schoten ze nog een van z'n twee ganzen dood. Zo trokken de vandalen over 't eiland. Wij stonden machteloos tegenover die gewapende horden, beroepsplunderaars.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)


Geen opmerkingen:
Een reactie posten