woensdag 26 oktober 2016

Margaretha Ferguson -- 27 oktober 1960

Margaretha Ferguson (1920-1992) was een Nederlandse 'Indische' schrijfster. Dagboeknotities van haar zijn gepubliceerd onder de titel Brief aan niemand.

4 augustus 1960
We kregen bezoek van een collega van Alexander, en diens vrouw. Het gesprek kwam op de wreedheden in Kongo. Ik zei: 'Ja, maar de Duitsers, dat is toch een blank volk, die waren ook niet mis!' 'O...maar de Duitsers, die deden het alleen tegen de jóden!' Later kwam de toelichting dat die dus niet zo maar in het wilde weg wreed waren, maar gericht, in tegenstelling tot de barbarij van gekleurde rassen. Indonesiërs, negers. 'Nu mijn dochter wat meer in Engeland komt,' zei mevrouw, 'merken we dat die Engelsen helemaal niet zulke vreselijke mensen zijn als we altijd gedacht hebben, het valt best mee.. .ik ben altijd pro-Duits geweest, had daar familie, kwam er van kindsbeen af...'
'Dat is nu juist het góéde,' zei ik, 'als je de mensen van dichtbij meemaakt heb je minder kans dat je van bovenaf zo wordt opgehitst...' en dit had ik willen uitbreiden tot: Russen, Kongolezen, Indonesiërs, Chinezen! Het wordt een steeds klemmender probleem: van die aardige, charmante mensen die crypto-fascist blijken te zijn.

27 oktober 1960
Ingrid was uit eten bij een klasgenootje van het Montessori-Lyceum wier ouders van adel zijn: gepolitoerde tafel, kristal, kaarsen (niet eens een officieel diner), het dertienjarige broertje zat naast Ingrid in een keurig pak, en begon keurig met haar te converseren. Ingrid vond het zeer deftig waardoor ze zich niet helemaal op haar gemak voelde maar toch alles heel gezellig, ontspannen ook, ondanks dure gasten. Ingrid kon, gelukkig zonder veel opzien te baren, een fazant (waarschijnlijk zelf gejaagd door de heer des huizes) laten voorbijgaan, gesprek: 'nee - je hebt hem niet door de kop geschoten, je moet ze toch eigenlijk meteen door de kop schieten - was laatst ook zo met mijn patrijs weet je wel, schoot ik ook niet door de kop - bij die poot is nog wat bloed, lekker' (of iets in die geest, het is haast niet te geloven!). Ingrid zei, 'toen werd ik wel even...' Volkomen primitieven op dat gebied, mensen die zó beschaafd zijn (werkelijk, ze hebben in hun deftigheid ook veel menselijke waardigheid en warmte). Onze verhouding ten opzichte van vlees en beest eten is toch blijkbaar iets dat je hebt of niet!

Een buurvrouw over het boek Exodus: 'we vinden het maar zeer matig — ik zei tegen mijn man, eigenlijk moesten we die Engelsen dus haten maar dat kunnen we niet - dus de Polen dan maar! Die Polen hebben zich zo vreselijk misdragen ten aanzien van de joden, nee, dat zo'n heel volk dat doet.. .die Polen en die Russen, verschrikkelijk!' Ik werd gewoon ijskoud bij het aanschouwen van het mechanisme, hoe men opzettelijk (omdat men zo graag haatmotieven heeft tegenover volkeren achter het IJzeren Gordijn) iets aangrijpt om voluit te kunnen haten, wat tegenover de Engelsen (onze Engelsen) nu eenmaal niet mogelijk is!
Sluiers, sluiers, vale modderige nevels, verstikkend. Als er oorlog komt pleeg ik denkelijk zelfmoord - omdat ik niet mee wil doen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen