zaterdag 20 april 2013

Victor Klemperer -- 20 april 1939

20 april, de verjaardag van de Führer
De schepper van Groot-Duitsland 50 jaar. Twee dagen vlaggen, luisterrijke speciale edities van kranten, de ene vergoddelijking na de andere. In de Berliner Illustrierte een foto van een halve pagina: 'De handen van de Führer'. Overal is het thema: 'Wij feesten in vrede, om ons heen woedt de wereld'. Ze lijkt nu inderdaad te woeden, na Bohemen en Albanië. Maar blijft het opnieuw bij het 'ingehouden, stille woeden', bij de vlootconcentratie voor Malta, bij de boodschap van Roosevelt, waarop Hitler op de 28ste in de Rijksdag in het Krolltheater wil antwoorden? En wat brengt de oorlog ons, óns? — De ene dag even afmattend als de andere. Van louter spanning raak je versuft. Zoals gisteren in de feestkrant tussen luide vredes-, geluks- en jubelhymnen, tussen de verachting door voor de 'arme dwazen' die aan de algemene stemming van 'Führer, we volgen je!' twijfelen, heel klein gedrukt het bijna dagelijkse berichtje staat: 'Twee landverraders terechtgesteld' (het zijn meestal twee arme stakkers, arbeiders van 20 of 30 jaar oud) — zo gaat me dagelijks klein gedrukt door het hoofd: zullen ze ons doodslaan? Maar werkelijk klein gedrukt en terloops.
Er komen vaak mensen bij ons op bezoek met wie het gesprek steeds weer op hetzelfde neerkomt. Op de 12de Moral, volkomen terneergeslagen omdat zijn vermogen geblokkeerd is; heel oud en vervallen. Er hangt iets raadselachtigs om die man, iets gebrokens. Waarom is hij zijn leven lang, 40 dienstjaren, niets anders geweest dan kantonrechter in onbeduidende plaatsjes? Hij vertelde dat hij een gewaarborgde schenking had gedaan aan zijn huishoudster, die al 28 jaar bij hem in dienst is. Hinc impedimentum? [...] Op de 13de de Hirschels; afscheid; ze mogen voor een tussenlanding naar Turbole en hebben een visum voor Frankrijk. — Vaak Gusti, die met Pasen in Wenen is geweest en waarschijnlijk een van de komende dagen al naar Engeland kan. Ze zegt dat men bij de officiële instanties hier, belasting, politie enz., alleen niet bij de Gestapo, bijna bij wijze van verzet beleefd tegenover joden is, maar dat men toch niets aan de voorgeschreven pesterijen en plunderingen kan doen. — Ook mevrouw Bonheim, ondanks het feit dat ze tweemaal per week voor twee mark komt poetsen enz., is 'bezoek', te gast op de koffie, vertelt van het middageten van de Joodse Gemeente; ook zij staat op punt van vertrekken, ze gaat over enkele weken naar Riga terug.
Tussen dat alles door doen we stil onze dagelijkse dingen, Eva verstellen, opruimen, klaarmaken - waarvoor? -, ik het curriculum en Hommes de bonne volonté. Ik doe nog steeds helemaal niets aan mijn Engels, al schreef Georg dezer dagen uit Londen dat hij een veelbelovend contact had gelegd, in juni na zijn terugkeer in de USA iets naders zou kunnen meedelen en me nog aan het eind van dit jaar ginds hoopt te zien. Ik weet niet of ik me dat moet toewensen. Zoals gezegd, ik begraaf me in curriculum en Romains.


Victor Klemperer (1881-1960) was een Duitse taalkundige en schrijver. Zijn dagboeken zijn ook in het Nederlands vertaald.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen