vrijdag 19 januari 2018

Karel van de Woestijne -- 19 januari 1915

Karel van de Woestijne (1878-1929) was een Belgische schrijver. Aan het begin van de Eerste Wereldoorlog hield hij enige maanden een dagboek bij.


19 Januari.
Ik weet niet wat ze vandaag zoo lollig maakt, de Duitschers.

Er zijn weêr veel, veel nieuwe troepen aangekomen, - geene die van het slagveld terug zijn: dezen zijn licht te erkennen, maar mannen frisch uit Duitschland, die blijkbaar nog niet door Brussel zijn geweest. Ze marcheeren, opgesteld in groepen van een paar honderd, geleid door piepjonge luitenantjes met stijve en veerkrachtige beenen. En zij zingen met gemoedelijke krijgshaftigheid van ‘Gloria Victoria’, terwijl hun oogen zwaluwen van den eenen straatkant naar den andere, en naar de gebouwen, en naar de meisjes.

De luitenantjes, zij zijn van tweeërlei aard. De eenen kijken met dweepersblikken en een onvermurwbaar-harden hals onbekende horizonnen te gemoet; de anderen zijn te gevoelig voor het Ewig Weibliche, om de Brusselsche schoonen niet met geïnteresseerde blikken te vereeren. Zoo stappen zij voorbij, dat de aarde ervan ronkt als een trom. En dat zij naar het slagveld gaan, schijnen zij niet te begrijpen.

Anderen hebben, voor de afleiding, wat muziek meêgebregen: mannetjes die zich op schrille dwarsfluitjes een scheeven nek blazen. En dezen spelen het liedje, dat ik u in notenschrift niet overbrieven kan, maar klinkt naar Vlaamschen tekst, uit Vlaamschen monden:
'k Heb dikwijls hooren zeggen
van 'n pater-Kapucijn
dat al de schoonste meisjes
de vuilste wijvekens zijn.
- Aldus, bij dat monter krijgsvertoon, verloopt de ochtend. 's Namiddags draagt een soldaat een reuzenschoof bedwelmend-geurende lila's naar de kazerne. Geen half uur nadien rijdt een break voorbij vol voldaten, die rooken en druk praten. Tusschen de banken en soldaten in, op den bodem van het rijtuig, eene doodkist. Op de doodkist, die bloemen. - De paarden voor den wagen loopen in vurigen draf. Niet den minsten indruk van weemoed.

En het wordt een prachtige ijs-avond. En 's nachts word ik gewekt door een gekend gesnor: aan het venster zie ik, middenin de schroot-scherpe schittering der sterren, een Zeppelin die vaart in een warmen orangen halos.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten