maandag 20 februari 2012

Boudewijn Büch -- 21 februari 1998

20-21 februari
Lummel en lees. Vandaag op kantoor een kandidaat ontvangen voor de functie van producer/-ster. Wat een droevigheid! Kon na vijf minuten nauwelijks verhelen dat het sollicitatiegesprek geen enkele zin had. In de vroege avond bij een kopje thee mijn natuurhistorische artikelen doorgenomen. Wil daar eventueel een boek van maken, nadat ik uiteraard alles geheel herschreven en uitgebreid heb, maar de lust tot het maken van boeken zal mij wel blijven ontbreken. Verstandig artikel over de tragische olifant Jumbo in American history (februari 1998, p. 38 en verder; ik schreef een tijdje geleden en stukje over het beest; het reusachtige dier kwam als circusolifant van Barnum om het leven bij een treinongeluk in Amerika anno 1885).
Ik had gisteren een – althans wat mij betreft – ontroerende ontmoeting bij Albert Heijn. Ik kwam binnen met mijn boodschappentas. Zij stond haar gulden uit haar boodschappenkarretje terug te grabbelen. Zij lachte. Ik zei: 'Nou, dan zal ik je maar eens een hand geven', en vroeg of ze écht geen last heeft gehad van de talloze stukjes die ik een paar jaar geleden over haar schreef in mijn televisiecolumn in de Nieuwe revu. In die stukjes schreef ik dat ik verliefd op haar was. En dat is ook werkelijk zo. Nog steeds. Maar het werd uiteraard niks en het zal ook nooit wat worden. Nu ontmoette ik haar voor het eerst in levenden lijve. Ik ben voorbestemd tot allenigheid. ‘Dan ga ik maar,’ zei ze ietwat schutterig. ‘Ja, ja,’ zei ik nog onzekerder. Daar ging ze, Caroline de Bruijn, dat leuke meisje met die zwarte krulletjes uit Goede tijden, slechte tijden.

[Ben over de ontmoeting met de actrice een gedicht aan het schrijven. Het vlot niet erg. Dit heb ik tot nu toe:

GOEDE TIJDEN, SLECHTE TIJDEN

Het verlangen tussen statiegeld en kassabon;
daar sta je in de hal van Albert Heijn.
Ik ben de Romeo van het supermarktbalkon
en in jouw tas zit zout, afwasmiddel en azijn.

Je lacht en ik zeg de dingen zoals ze komen:
zinledigheid alsof liefde in de dood moet wonen.
Het is de schoonheid van de grote stad:
... ]


* Een boekenkast op reis. Persoonlijke kroniek 1998
* Boudewijn Büch (1948-2002)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen