zondag 14 april 2013

Marco Bakker -- 15 april 1984

8.30 uur: opgestaan, katten en hond eten gegeven, daarna ontbijt klaargemaakt.
1030 uur: Nico van der Linden staat voor de deur, we moeten naar Almere voor ons koffieconcert.
11.00 uur: nog even repeteren in theater De Roestbak met mijn gaste Saskia Gerritsen.
12.15 uur: aanvang concert, repertoire hoofdzakelijk musicalmelodieën en operette, volle bak, zeer enthousiast publiek.
14.00 uur: teruggereden naar studio van Nico in Amsterdam om samen met Richard zijn speedway motorfiets te bewonderen. Zou hij daar echt op gaan rijden? Nou ja, hij is net als ik een Waterman, dus het zal er wel van komen.
14.30 uur: thuis verkleed, iets gegeten en samen met m'n zoon in het Amsterdamse Bos gejogged en Hoovercraft laten varen.
17.00 uur: op bezoek bij mijn zusje en haar man in Heerhugowaard, daarna in Bergen gegeten en naar huis gereden, samen met Richard racefilm op video bekeken en hem daarna, veel te laat, in bed gestopt.
22.40 uur: RURshow gezien met Harm Wiersma, lieve Lita en een kennelijk zeer stonede Herman Brood. Wel gelachen, daarna naar bed.


Marco Bakker (1938) is een Nederlandse operettezanger. Van 12-18 april 1984 hield hij voor NRC Handelsblad een 'Hollands Dagboek' bij.

Schelto Patijn -- 14 april 1994

Donderdag 14 april
Een onwerkelijke dag. Iets wat tien dagen geleden is begonnen met het zeer vertrouwelijke verzoek of ik zou willen overwegen naar het burgemeesterschap van Amsterdam te solliciteren, ligt open en bloot op straat. Eergisteren is een lek ontstaan en in alle media wordt volop commentaar geleverd. Ik kan alleen maar zeggen dat ik kandidaat ben en zelfs dat eigenlijk niet. Voel mee met al die burgemeesters die hetzelfde is overkomen.
Toch maar gewoon aan het werk. Beëdiging van dijkgraaf Kemp van het waterschap Oude Rijnstromen. Dat zijn altijd goede uren waarin je veel hoort over zaken uit de agrarische en waterschapshoek die voor Zuid-Holland wezenlijk zijn.
In het Tweede-Kamergebouw komt 's middags een aantal nieuwe kandidaten van de PvdA bijeen voor een gesprek over het kamerwerk dat de Stichting vormingswerk van de partij heeft georganiseerd. Frits Niessen vertelt in rap tempo over zijn overgang van leraar Nederlands naar het Kamerlidmaatschap. Na 3 mei a.s. treedt hij op eigen verzoek terug, jammer.
Hans Andersson en ik belichten de toekomst en het verleden. Besef dat het al 20 jaar geleden is dat ik Kamerlid werd, met Ed van Thijn als fraktievoorzitter. Andersson en ik zijn erg benieuwd naar de nieuwe oogst die we als leden van de commissie kandidaatstelling zelf hebben helpen uitzoeken. Het wordt een opgewekte middag. Nu het ons wat beter gaat als partij straalt dat af op de nieuwkomers. Dat komt wel goed.
Veel oude bekenden uit alle partijen in de Kamer feliciteren me. Daar weet men immers maar al te goed hoe de hazen lopen.


Schelto Patijn (1936-2007) was een Nederlandse politicus en bestuurder. In 1994 hield hij op verzoek van NRC Handelsblad een 'Hollands Dagboek' bij.

Arthur Crew Inman -- 13 april 1945

Roosevelt is dood. Godzijdank! Godzijdank! Godzijdank! Goed, laten we erkennen dat hij moedig was en over doorzettingsvermogen beschikte. En laten we ervan uitgaan, indien de geschiedenis hem goedgezind is (en ik zou niet weten waarom niet), dat hij als een groot en beroemd man herinnerd zal worden. Ken hem verder elke deugd toe die je maar wilt. Dan nog dank ik God of het Noodlot of de Voorzienigheid of wie het ook was, dat hij werd getroffen door een hersenbloeding en nu dood is. Het is alsof er een sluier of een vloek is weggenomen.
Hij heeft de oude waarden verkwanseld die mensen van oudsher sterk en fier en vol zelfvertrouwen hebben gemaakt: zuinigheid, eerlijkheid, onafhankelijkheid, betrouwbaarheid, trots en bereidheid om aan te pakken. Hij heeft ons bij een grote oorlog betrokken die noch in zichzelf, noch in geografische zin de onze was, en hij voorkwam daarmee dat we op korte termijn een oorlog wonnen die wél de onze is. De zielen van de doden, de verbittering van de verlamden en invaliden torst hij als een zware last, en als er een rechtvaardige God bestaat, zoals hij zo vaak heeft verkondigd, dan zou ik niet graag in zijn schoenen tegenover de heilige Rechter staan.
Gisteren stortte de radio de hele avond lovende, emotionele, zoetvloeiende, schijnheilige woorden uit over de edele Franklin Delano Roosevelt, en geen uitspraak was te sentimenteel, te huilebalkerig of te onwerkelijk om op de luisteraars los te laten. Zijn lichaam was nog nauwelijks koud, of de heiligverklaring was al begonnen. Afgaande op de radio en de kranten is er in de hele Verenigde Staten niet één vijand van Roosevelt te vinden, maar ik weet zeker dat er ontelbare, zij het ook heimelijke, zuchten van verlichting zijn geslaakt dat hij er niet meer is. Roosevelt is dood. Dat is wel zo goed voor het land en waarschijnlijk ook voor zijn eigen roem.


Arthur Crew Inman (1895-1963) was een Amerikaanse dichter wiens dagboek een van de omvangrijkste is die er bekend zijn.

vrijdag 12 april 2013

Jan Lenferink -- 12 april 1984

Woensdag
Door dikke mist naar Hilversum. Bobby van H. H. rijdt voorzichtig zoals een goed advocaat betaamt. Als ik bij Veronica binnenkom krijg ik meteen de kijkcijfers van 1 april voorgeschoteld: drie miljoen kijkers die de vrolijke aanwezigheid van Wiegel, Kraaykamp en De Lange met een 7,5 waardeerden. Nog bedankt, heren! In dertien shows is het aantal kijkers ondanks het late uur met twee miljoen gegroeid. We gaan praten over de contracten voor het nieuwe seizoen, en Rob O. roept vrolijk-besmuikt dat hij me de kijkcijfers liever na afloop had laten zien. Terug in Amsterdam kom ik moeilijk aan het werk. Middagmelancholia. 's Morgens en 's avonds heb je geen kind aan me, maar 's middags maak ik af¬spraken of ga sporten om de reeds levenslange rusteloosheid in goede banen te leiden. Is het iets in mijn jeugd, dokter? Wip binnen bij buurman Maurits A., de grand old man van de vaderlandse reclame. Voor goede raad en koekjes. A. vertelt dat heel vroeger in films en operettes Ruretanië de naam was die veel gebruikt werd voor fantasielanden. Mag het boek Encyclopaedia of Murder lenen. Hoop dat het snel gaat regenen. Eten bij Noor V. die aan de wieg stond van RUR en nu Japan met droogboeketten gaat bombarderen. En Van Dis had drie gasten die ik alledrie graag zelf aan de tand had gevoeld. Soit. Corry belt. 'Zal ik langskomen?' 'Ja, gezellig.' En zo, lief dagboek, werd het toch nog eind goed al goed? Vergeet het maar.


Jan Lenferink (1948) is een Nederlands radio- en televisiemaker. In 1984 hield hij voor NRC Handelsblad een 'Hollands Dagboek' bij.

woensdag 10 april 2013

Jan Cremer -- 11 april 1974

Donderdag
Wat is het Hollandse landschap toch mooi. Voor mijn schilderijen en grafiek een onuitputtelijk onderwerp. Geslapen in het huisje van de dichter in Bergen aan Zee. Lekker langs het strand gewandeld. Tot nu toe weinig mensen op het strand. Groot houten paviljoen met de reeks deuren van de toiletten uitnodigend en wijd open. Voor een groot bord KASSA zit een vrouw te breien en een man verdiept in de Telegraaf (de krant met 700.000 abonnees die hem niet lezen). De dichter heeft een vakantiehuisje gehuurd vol afvalmeubelen van rotan en plastic, schimmelplekken op de plafonds en vol afgedankte kinderledikantjes, maar betaalt daarvoor de prijs van een villa aan de Franse Rivièra. 's Middags naar het oosten gereden. In Enschede langs de autoweg een grootscheepse politionele actie. Politiewagens langs de kant en een legertje politiemannen op de been. Motoragenten in wit leer zoeven op hun snelle Moto-Guzzi's voorbij. Gijzelingen? Tenoristenacties? Opstand der gastarbeiders? Nee, controle op bromfietsende scholieren. Later hoorde ik het verhaal van de stropers die herten afslachten in het hertenkamp van een ziekenhuis. Een nachtportier had ze 's nachts betrapt en was aangereden. 's Ochtends lagen de ingewanden van de herten op de stoep van een ziekenhuis.


Jan Cremer (1940) is schrijver en beeldend kunstenaar. Van 9-15 april 1974 hield hij voor NRC Handelsblad een 'Hollands Dagboek' bij.

dinsdag 9 april 2013

Lord Byron -- 10 april 1814

April 10th
I do not know that I am happiest when alone; but this I am sure of, that I never am long in the society even of her I love, (God knows too well, and the devil probably too,) without a yearning for the company of my lamp and my utterly confused and tumbled-over library. Even in the day, I send away my carriage oftener than I use or abuse it. Per esempio,—I have not stirred out of these rooms for these four days past: but I have sparred for exercise (windows open) with Jackson an hour daily, to attenuate and keep up the ethereal part of me. The more violent the fatigue, the better my spirits for the rest of the day; and then, my evenings have that calm nothingness of languor, which I most delight in. To-day I have boxed an hour—written an ode to Napoleon Buonaparte—copied it—eaten six biscuits—drunk four bottles of soda water—redde away the rest of my time— besides giving poor Webster a world of advice about this mistress of his, who is plaguing him into a phthisic and intolerable tediousness. I am a pretty fellow truly to lecture about "the sect." No matter, my counsels are all thrown away.


George Gordon Byron (1788–1824), beter bekend als Lord Byron, was een Engels schrijver en dichter. Byrons reputatie berust niet alleen op zijn geschriften, maar ook op zijn leven vol aristocratische excessen, enorme schulden en talrijke liefdesaffaires. Lady Caroline Lamb noemde hem "gek, slecht en gevaarlijk om te kennen." Zijn brieven en dagboeken zijn integraal gepubliceerd.

maandag 8 april 2013

Zlata Filipović -- 9 april 1992

Donderdag, 9/4//1992

Dear Mimmy,
Ik ga niet naar school. Alle scholen in Sarajevo zijn dicht. Er dreigt gevaar vanuit de heuvels die ons omringen. Maar ik denk dat het nu een beetje rustiger wordt. De zware beschietingen en de explosies zijn opgehouden. Zo nu en dan hoor je nog wel geweerschoten maar dat houdt dan weer snel op.
Mama en papa gaan niet naar hun werk. Ze kopen grote voorraden voedsel. Voor geval van nood, denk ik. God, laat het alstublieft niet gebeuren!
Iedereen is nog wel erg gespannen. Mama is helemaal over haar toeren, papa probeert haar nog te kalmeren. Mama voert lange telefoongesprekken. Zij belt, andere mensen bellen. De telefoon wordt voortdurend gebruikt.


Zlata Filipović (1980) is een Bosnische schrijfster die bekend is geworden met haar Dagboek van Zlata, dat ze schreef toen ze 12-13 was.