zondag 28 juni 2026

Benno Barnard • 13 februari 2022

• Benno Barnard (1954): Het raadsel van de anderen (2026).

Zondag
Op verzoek van het vogeltijdschrift De scharrelaar schrijf ik vogelgedichten. Ik weet in ornithologische zin bedroevend weinig over vogels – en dus worden mijn papieren vogels mythisch, om te beginnen de uil, die al eeuwen in gedichten heeft doorgebracht. Er is ook een uit het nest gevallen mereljong, een ‘Ongerijmd vogeltje’: 
Buiten de keukendeur ligt iets:
een (zodra je je hebt gebukt)
uit Darwin gedonderd
van cellen gemaakt onvoltooid ding… 
Zo’n mereltje bestaat uit een paar miljoen geprogrammeerde cellen, tot het doodvalt en de cellen zinloos worden. Je moet dat soort zaken als een klein kind bekijken: eerst kon het vliegen, toen nooit meer. Maar wat is er dan met dat vliegvermogen gebeurd? Dat was de ziel, anachronistisch uitgedrukt. Het vliegvermogen is universeel onder merels. Dat is de idee ‘vliegvermogen’. De ziel is de individuele uitwerking daarvan (net als de zang, enzovoorts). De idee splitst zich dus op; maar zodra dat gebeurt, zodra er een vogeltje ontstaat, is het vliegen, zingen enzovoorts geen idee meer; en als het geen idee meer is, is het dus een werkelijkheid. Het doodvallen doet daar niets aan af: een herinnerde werkelijkheid is nog steeds een werkelijkheid. Sterker nog, het doodvallen zelf is een werkelijkheid.
Het is onbegrijpelijk, maar niet erg moeilijk.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten