zondag 19 februari 2023

Folke Bernadotte • 19 februari 1945

Folke Bernadotte (1895-1948) was een Zweedse diplomaat en tijdens de Tweede Wereldoorlog vice-voorzitter van het Zweedse Rode Kruis. Over de laatste dagen van de oorlog en zijn rol daarin schreef hij Het einde (vertaling M. Mees).

Ik had niet tevergeefs gehoopt: mijn verzoek om Himmler te ontmoeten werd ingewilligd. Den 19en Februari om vijf uur werd ik per auto afgehaald door Schellenberg en reden wij naar Hohen-Lüchen, een groot ziekenhuis op 120 km ten Noorden van Berlijn. De geneesheer-directeur, prof. Gebhart, die zelf in bed lag met longontsteking, ontving mij in zijn ziekenkamer en gaf mij een aantal gegevens over zijn inrichting. Deze was overvol, zei hij. Onder de vluchtelingen, die opgenomen waren, bevonden zich vele kinderen, en alleen al onder hen had een tachtigtal amputaties plaats moeten hebben ten gevolge van schotwonden en bevriezing. Het was een verschrikkelijk beeld van den toestand, dat prof. Gebhardt mij gaf. Tegen dezen achtergrond was het, dat ik Heinrich Himmler ontmoette, chef van de SS, van de Gestapo en van het geheele Duitsche politiewezen, rijksminister van binnenlandsche zaken en opperbevelhebber van de binnenlandsche troepen, den man, die door zijn terreur-organisatie de politiek gecriminaliseerd had op een tot nog toe ongekende wijze en op het laatst nog het wankelende Derde Rijk bij elkaar hield.

De Amerikaansche radio-verslaggever, William Shirer, die eenige jaren geleden wereldberoemd werd door zijn boek „Berlin Diary", waarin hij zijn ervaringen schildert in Nationaal-Socialistisch Duitschland tot het eind van 1940, karakteriseerde Himmler als een bescheiden mannetje, dat er uitziet als een onschuldig plattelands-schoolmeestertje. Ik kan getuigen, dat dit een zeer treffende karakteristiek is van den Gestapo-chef, uiterlijk bezien. Toen hij daar plotseling voor mij stond met een hoornen bril en in de groene uniform van de Waffen-SS, zonder decoraties, leek bij het meest op den een of anderen onbelangrijken ambtenaar; wanneer men hem op straat tegen gekomen was, zou men nooit acht op hem geslagen hebben. Hij had kleine, fijne, gevoelige handen; het viel mij op, hoe goed gemanicuurd zij waren, niettegenstaande dat verboden was bij de SS. Hij deed zich opvallend en verbluffend beleefd voor, hij gaf blijk van humor met een neiging tot galgenhumor en hij schertste graag om de stemming gemakkelijker te maken. Hij had allerminst iets duivelsch in zijn uiterlijk. Van de koude hardheid in zijn blikken, waar men zeer veel over sprak, merkte ik niets. Heinrich Himmler trad tijdens zijn gesprekken met mij op als een zeer levendig iemand. Hij bleek sentimenteel te zijn in zijn verhouding tot den Führer en hij was ook in staat om een groot enthousiasme te ontwikkelen. Het was een zeer eigenaardige gewaarwording om dezen man, die met toepassing van de schandelijkste middelen millioenen menschen in den dood had gezonden, met geestdrift te hooren spreken over de de 'gentlemanlike' wijze van oorlog voeren tusschen de Engelschen en de Duitschers in Frankrijk tijdens den zomer van 1944, toen de oorlogshandelingen middenin waren afgebroken om beiden partijen gelegenheid te geven voor hun gewonden te zorgen.

Het was ook merkwaardig om zijn reactie gade te slaan, toen ik hem aan het einde van één van onze gesprekken een zeventiende-eeuwsch werk gaf over Zweedsche runeninscripties, nadat één van de Noren, die werkte onder de krijgsgevangenen in Duitschland, mij den wenk had gegeven, dat Himmler bijzonder geïnteresseerd was in het Noordsche runenschrift. Hij werd zichtbaar geroerd en hij zei zelfs, dat hij diepgetroffen was door de vriendelijkheid, die ik hem hiermee bewees, en dat hij er dankbaar voor was, dat ik hem op deze wijze een vreugde had willen bereiden onder de huidige omstandigheden.

Was het angst voor het lot, dat hem wachtte, was het sentimentaliteit, was het belangstelling voor den man, die zonder omwegen zijn meening durfde zeggen, die hem bewoog iets te doen in het belang van professor Seip, rector van de universiteit te Oslo en één van Noorwegens grootste vrijheidsstrijders? Ik weet het niet. Ik weet slechts, dat Himmler een van de meest gecompliceerde naturen is, die ik ooit ontmoet heb. Ik weet ook dat hetgeen professor Seip en bisschop Berggrau, de beide groote Noordsche patriotten, mij over hem vertelden, klopte met mijn eigen waarnemingen en indrukken.

[...]

Geen opmerkingen:

Een reactie posten