zondag 16 december 2018

J.M.A. Biesheuvel -- 15 december 1981

• J.M.A. Biesheuvel (1939) is een Nederlandse schrijver. In 1981 hield hij op verzoek van NRC Handelsblad een 'Hollands Dagboek' bij (onder het pseudoniem 'God zelf').

Maandag [14 december]
Hele dag in bed, heb geen zin om naar kantoor te gaan. Lig veel te denken aan de 'De trui', als ik in slaap val droom ik ervan, 's Avonds weet ik het verhaal in vier uur af te schrijven en begin meteen aan een nieuw verhaal: 'De bruid'. (Afgekeken van het verhaal 'De bruid' van Tsjechov op aanraden van Karel.) Eva is nu 'Ultima Thule' van Nabokov aan het lezen. Ik vind dat ze behoorlijk kapsones krijgt. Eva moet eigenlijk voor mij zorgen, voor de dieren, voor de belasting, voor de administratie, ze moet mijn wandelend geweten zijn en nu ligt ze gewoon Nabokov te lezen? Zoiets heb ik nog nooit meegemaakt. En als ze Nabokov eenmaal goed vindt, zal ze mijn verhalen klote vinden.

Dinsdag [15 december]
Ik sta maar eens vroeg op en wandel naar de Universiteitsbibliotheek. Met Ronald Breugelmans neem ik het verhaal, de novelle: 'De trui' door op goed Nederlands en spelfouten, 's Middags ga ik gewoon naar kantoor. Ik heb er vier uur droevig voor het raam gestaan, een lege badkamer, alleen een bureau en een stoel. Het avondeten is heel lekker, 's Avonds komt Jan van de Craats spelen op de piano, ik zing daarbij. Eerst bekende nummertjes van Mozart en dan de hele Winterreise van Schubert. Ik vind het zo mooi dat de tranen me in de ogen staan. Neeltje, een van de laatst aangelopen vrouwtjeszwerfpoezen, zingt af en toe mee en Mikkie de hond denkt dat ik huil. Hij huilt af en toe bij een ontroerende passage. 'Jeder Strom wird 's Meer gewinnen, jedes Leiden auch sein Grab!' Terwijl we spelen komt Pim van der Meiden binnen en geeft Eva een overdruk van zijn geruchtmakende artikel: 'Het Nederlands als wereldtaal'. Ik rook nog een sigaar en als we uitgezonden zijn duik ik gauw in bed. 'Hehe,' denk ik, 'er gaat toch niets boven je bed.'

woensdag 12 december 2018

Harry Graf Kessler -- 13 december 1922

Harry Graf Kessler (1868-1937) was een Duitse kunstverzamelaar, museumdirecteur, schrijver, publicist, politicus, diplomaat en pacifist. Hij hield 57 jaar lang een dagboek bij. Een selectie daaruit is (door Peter Claessens) in het Nederlands vertaald als Dans op de vulkaan.

• In 1922 wordt in de Haagsche Dierentuin in Den Haag een groot internationaal Vredescongres gehouden, georganiseerd door de Internationale Vakverbonden (een | twee).

Den Haag, 13 december 1922.
Woensdag Derde zittingsdag. De bolsjewiek Rotstein bracht veertien punten naar voren die het internationaal georganiseerde proletariaat moest aannemen om de vrede te garanderen. Alleen al de kokette parallel met de veertien punten die Wilson met hetzelfde doel voor ogen, een duurzame vredesgarantie, had opgesteld, ontstemde de toehoorders en ontnam zijn rede alle ernst. Je kon niet om het gevoel heen, dit is toneelspel, ironie, journalistiek, geknipt voor de cultuurpagina's.
Andere ongewild ironisch-tragische situatie: terwijl Helene Stöcker het onvoorwaardelijke recht van elk mens op zijn leven proclameerde en daarmee het recht op militairedienstweigering onderbouwde, liep Friedrich Adler, de moordenaar van Stürgkh, als een ziek roofdier, groot, zwaar, gebogen, met zijn gedweeë roofdierogen achter een goudgerande, fonkelende bril, rond in de zaal als een van de meest gevierde mannen op dit congres. Uiteindelijk, in de ogen Gods, heeft Techow ook niks anders gedaan dan Adler.
De voornaamste redenaars vandaag waren, naast de bolsjewiek Rotstein, de mensjewiek Abramowicz, een bleke, door rampspoed getekende, tragische figuur, Grumbach, retorisch en als een stier brullend, een Danton uit de Elzas, de Spaanse socialist Caballero, een toreador, Ben Tillett, de historische Engelse rooie, die het voorkomen had van een gentleman van middelbare leeftijd. Wels, Duits regeringssocialist, vriend van Noske en vredesapostel met de verontwaardiging over de schanddaden van de Entente als cliché, Friedrich Adler zelf, die heel slim en sceptisch sprak. Ik sprak 's middags over algemene staking en Volkenbond, waarvan ik de uitbreiding in de zin van de Braunschweigse resolutie eiste.


• Harry graaf Kessler (1868-1937) was een gedreven, liberaal denkende aristocraat die zich inzette voor een verenigd Europa, het pacifisme, de Volkenbond en het Nietzschearchief. Als diplomaat in dienst van de regering, maar ook als onafhankelijk kosmopoliet en kunstpromotor stond hij in contact met de grote politici, industriëlen, denkers en kunstenaars van zijn tijd.

zondag 9 december 2018

Mary Louise Rothwell -- 10 december 1942

• Mary Louise Rothwell hield na de aanval op Pearl Harbor enige tijd een dagboek bij.

Wednesday, December 10
Today mother, Matah and I went down to the market. The place was simply mobbed. We were lucky enough to get there rather early, so we could go right in. Some people coming a little later had to wait in line outside, because the clerks would allow only a certain number of people in at a time. We got all we wanted, except rice, sugar, flour, and bread. There was a great deal of canned food, but the staples had been cleaned right out. The perishables, especially milk, are not hard to get at all; in fact, there is a surplus of fresh milk.

There were so many people in the place that Matah almost fainted. She got weak and had to sit down and drink some ice water. Finally I helped her out to the car and took her place in line.

Mother bought yards and yards of blue denim at Ireton’s. She got it to lightproof some rooms, so that we wouldn’t have to sit in the dark night after night. This afternoon she and I fixed the study, her bedroom, and my bedroom. It’s really grand, because it shuts out light but lets in air. The one drawback is that during the day we can’t take off the denim shades without prying off all the tacks. Oh well, it’s worth it.

Frank volunteered for coast Guard duty and went down this afternoon to get his identification papers and such. He’s going out tonight with George Stepp and a C.G. crew on the Ahi. Apparently he is to get his breakfasts and dinners from the Coast Guard. Well, he got into the CG service sooner than he expected! Mother is rather worried about him; but she says that we all have to do our part. Besides, Frank and Bob would be doing the very same thing if they were here; and if each one of us said, "My life is too precious to risk," we would all be so soft that we would be beaten completely.

This afternoon from 3 to 3:15 we had a practice air-raid alarm and all the Coast Artillery guns fired a few shots for testing. It really didn’t affect us much, because we were in the house anyway; however, the radio announcers ordered everyone under cover. We just went about our business (inside the house, of course) and 15 minutes later the radio announced that the "air-raid" was over.

[...]

zaterdag 8 december 2018

Soetan Sjahrir -- 9 december 1934

• Soetan Sjahrir (1909-1966), was een Indonesisch politicus en de eerste premier van dat land. Hij speelde een grote rol in de Indonesische onafhankelijkheidsstrijd. In 1934 werd hij gerarresteerd. Hij doet verslag van zijn gevangenschap en verbanning in een dagboek, dat is gepubliceerd als Indonesische overpeinzingen.

29 Maart 1934.
- Al een maand zit ik nu achter de tralies, maar ik ben nog steeds even wijs: ik weet nog steeds niet, waarvoor ik eigenlijk in hechtenis ben gesteld. Ze hebben het mij bij de inhechtenisneming niet verteld. Het enige wat ik weet is dat het iets met de P.N.I. [Pendidikan Nasional Indonesia]) te maken heeft, maar wàt is voorlopig nog een geheim voor mij.
[...]

9 Dec. 1934.
- Het besluit, gedateerd 16 November, is gevallen: Digoel. Dus toch Digoel. Het heeft mij een beetje verrast, maar dat ligt natuurlijk aan mijn naïeveteit. De conclusie luidt: ‘Wegens haatzaaien en gevaar voor de openbare rust en orde krachtens Art. 37 Indische Staatsregeling en in overeenstemming met den Raad van Indië aangewezen tot verblijfplaats de hoofdplaats van de tijdelijke onder-afdeeling Boven-Digoel, afdeeling Amboina, Gouvernement der Molukken’. Er is dus geen concrete beschuldiging, geen spreek- of pers-delict; iets feitelijks hebben ze me niet ten laste kunnen leggen. Ik had dan ook gedacht, dat ik hoogstens een ‘derde klassen’-verbanning waard zou zijn, bijvoorbeeld naar Timor of iets dergelijks. Maar onder de vijf anderen, die tegelijk met mij zijn verbannen naar Digoel, zijn er zeker wel twee, die het nog minder hebben verdiend dan ik. Het is dus nu beslist en het heeft een einde gemaakt aan de periode van twijfel en innerlijke worsteling of dit alles wel verantwoord was tegenover hen, die ik nu achter moet laten.

Het besluit heeft mij als het ware geholpen om weer boven het persoonlijke uit te komen, tot het grotere. Waarvoor dient dit alles, waarom het leed dat ik hun die ik lief heb, moet berokkenen? Alleen, omdat ik mijn volk wilde dienen. Zo het als een fout ten opzichte van mijn gezin moet worden beschouwd is het alleen, omdat ik mijzelf in staat achtte aan beide eisen te voldoen, die van het werken voor mijn volk en die, welke mijn gezin stelde. Aan de twijfel, de ellende, die mij dit deze laatste twee jaren heeft gekost, is nu een eind gekomen, nu wil en mag ik er niet meer over denken. Het was alsof ik aan mijn volk herinnerd werd, toen ik het verbanningsbesluit ontving, aan alles wat mij aan het lot, het leed van dit millioenenvolk bindt. Is onze persoonlijke smart ten slotte niet maar een heel klein deel van dat grote, algemeene leed, is niet juist dit leed onze innigste, sterkste band? Juist nu ik misschien voor goed afstand zal moeten doen van het liefste en mooiste wat er voor mij op deze wereld bestaat, juist nu voel ik mij hechter verbonden aan mijn volk, heb het meer lief dan ooit. Wij hebben elkaar zo vaak niet begrepen, dat volk en ik. Ik was voor mijn volk vaak te abstract, te ‘westers’, buiten zijn bevattingsvermogen, en zij waren voor mij vaak te traag, maakten mij wanhopig door hun onwil en wanbegrip, kwaad en ongeduldig door hun kleine gebreken. Zij vervulden mij soms zelfs met bitterheid, maar hun lot en mijn levensdoel zijn één; wij waren en blijven verbonden. Nu dit - de ontbinding, verwoesting van mijn persoonlijk geluk, afstand van de mijnen - voor dit volk van mij geëist wordt, nu verdwijnen al mijn grieven, nu blijft alleen nog mijn gevoel van saamhorigheid en mijn verbondenheid aan dit diepgezonken volk van mij.

vrijdag 7 december 2018

Andy Warhol -- 8 december 1980

Andy Warhol (1928-1987) was een Amerikaanse kunstenaar. Hij hield een dagboek bij van 1976-1987.

MAANDAG 8 DECEMBER 1980
Er kwam iemand binnen die vertelde dat John Lennon was neergeschoten. Er was geen mens die het geloofde, dus belde er iemand naar de Daily News, waarop het nieuws werd bevestigd. Het was zo angstaanjagend dat dit alles was waarover wij konden praten. Hij werd buiten zijn huis neergeschoten. Toen ik thuis kwam, zette ik de TV aan; hij bleek vermoord te zijn door iemand die hem eerder op de avond om zijn handtekening had gevraagd.

DINSDAG 9 DECEMBER 1980
Het nieuws was hetzelfde nieuws dat wij de hele avond al hadden gezien, beelden van John en oude filmclips.
Bob voelde zich helemaal 't mannetje, want de historische uitgave van de Daily News met de kop 'John Lennon shot' is de editie waarin het grote artikel over hem staat 'The Man Behind Andy Warhol'. Het was een lang, maar saai artikel.
Ik zag het nieuws over John Lennon, en het is angstaanjagend. Kort geleden nog kwam Michael, een jongen die mij nu al vijf jaar brieven schrijft, zomaar binnen - iemand had op de knop gedrukt en hem binnengelaten. Hij gaf mij nog een brief, en ging weer weg. Waar woont hij? In een gesticht?

WOENSDAG 10 DECEMBER 1980
De kranten brengen nog steeds nieuws over Lennon. De man die hem vermoord heeft was een gefrustreerde kunstenaar. Ze hadden het over de Dali-poster die hij aan de muur had hangen. Ze interviewen altijd de concierges en de schoolleraren van vroeger enzo. De jongen zei dat hij het gedaan had onder invloed van de duivel. En John was zó rijk, ze zeggen dat de nalatenschap $ 235 miljoen bedraagt.
In Dakota gaat de 'wake' maar door. Het ziet er zo vreemd uit, ik vraag me af wat die mensen denken waarmee ze bezig zijn.

ZONDAG 14 DECEMBER 1980
Ik zat met een zwarte chauffeur in een taxi tijdens de paar minuten stilte om John te herdenken en voor hem te bidden. De man had een zwarte zender aanstaan, waarop tien minuten stilte in acht werd genomen, en de discjockey zei: 'Wij zijn daar boven bij jou, John,' en de chauffeur lachte en zei: 'ik niet schat, ik zit hier gewoon beneden'. Hij zette een andere zender op waarop gesproken werd over de stilte.

zondag 2 december 2018

Wim Kan -- 3 december 1975

Wim Kan (1911-1983) was cabaretier. Zijn dagboeken zijn te lezen bij de dbnl. Meer informatie over de treinkaping bij Wijster hier.

Woensdag 3 december 22.00 uur. Wildwal
Sinds gistermiddag vijf uur leven wij weer in spanning. Toen hoorden wij in de auto radio op weg van de Lappendeken naar Velp dat er weer een kaping was. Deze keer een hele trein met zeventig of tachtig passagiers. Na Herrema nou dit weer. De Zuidmolukkers! De machinist en één passagier waren doodgeschoten. Toe maar jongens. Vooruit maar weer. Wij zijn er nu al weer meer dan vierentwintig uur mee bezig. Maakt me angstig, moedeloos, machteloos en woedend. En voor mij altijd weer de grote vraag: hoe kan ik dit vertalen in cabaret?

Donderdag 4 december 14.20 uur. Wildwal
Donker, koud, somber weer. De gijzelingsdrama's zijn niet van de lucht. De trein bij Beilen staat er nog steeds. Vermoedelijk is er een derde man vermoord. Er is om 12.40 uur iemand uit de trein gegooid. Op ongeveer diezelfde tijd is het Indonesisch consulaat in Amsterdam door drie gemaskerde Zuidmolukkers overvallen. Wij doen vanaf dat ik wakker word niet veel anders dan radio luisteren, kranten lezen en televisie kijken. Nu straks om drie uur extra nos-televisie, 't Is net oorlog. Nee, het ís oorlog.

Vrijdag 5 december. Sint-Nicolaasavond!! 22.00 uur. Wildwal
Vreemd, ondefinieerbaar leven. Er is niets anders dan de treinkaping en de bezetting van Indonesisch consulaat in Amsterdam. Vanmorgen ik met meneer Van Liempt gebeld en laten doorschemeren dat er morgen (en overmorgen?) in Hoorn niet gespeeld behoort te worden. (En ziet de tv vindt dat vanavond blijkbaar ook.) Ik vind niet dat ik nu de regering zó belachelijk kan maken als ik haar maak. Ik zie het interview met Den Uyl en de conference over Van Agt als een stoot onder de gordel. En...wat het ergste is, ik heb geen alternatief.

Dinsdag o december 6.40 uur. Kudelstaart
Nu staat niet alleen de trein stil, maar ook de onderhandelingen zijn tot stilstand gekomen. De hele zaak begint nu een beetje in het genre te komen van warme maaltijden, tandpasta en toiletpapier. Kinderen en grijsaards die ineens toch worden vrijgelaten en een dominee van 84 jaar die meedeelt dat de kapers uiterst correct te werk gaan. Ir. Manusama doet een beroep op zijn jongens: ik smeek jullie om er nu mee op te houden. Van Agt en Den Uyl laten zich niet zien. Mevrouw Faber, woordvoerster van justitie, daarentegen des te meer. Het tweede bedrijf begint een beetje te ‘trekken’. In mijn gevoel is het bijna ondenkbaar dat het geheel nu toch nog in een bloedbad zou eindigen, maar... afkloppen ga ik dit nu wel.

Donderdag 11 december 19.42 uur. Werkhuisje
Vandaag zijn er weer twee vrijgelaten. Bejaarden. Als het nog even duurt is tenslotte iedereen bejaard, wordt iedereen vrijgelaten...

Maandag 15 december 7.15 uur
Gistermorgen 12.15 uur was ineens de gijzeling van de treinpassagiers in Beilen voorbij. Afgelopen. De zes kapers gaven zich over. Ik zat in mijn werkhuisje aan mijn boek, het boek te werken (leuk werk maar uitzichtloos, want er is veel te veel materiaal). Zette de radio aan: wij pauzeren nu even voor een extra nieuwsuitzending over alle drie de zenders. Schrok wel even heel erg, maar hoopte meteen dat de gijzeling voorbij zou zijn. Ol kwam meteen uit huis hollen: de gijzeling is afgelopen. Samen op één stoel even in mijn huisje zitten luisteren. Ontroerend moment. Drie doden plus één in Amsterdam waar de gijzeling nog doorgaat en vijf afgelaste uitverkochte zalen in Hoorn en Haarlem.

Maandag 22 december 6.00 uur
De hele situatie waarin de Zuidmolukkers zich bevinden, de hardheid, koelheid en het onbegrip van de regering toont naar mijn mening steeds grotere gelijkenis met onze situatie na de oorlog. Elf miljoen Nederlanders waren vol van wat de Duitsers hun hadden aangedaan. Dat handjevol mensen dat onder de Japanners had gezeten, daarvoor interesseerde zich niemand. Onze psychische begeleiding? Ja, geweldig. Hirohito is er zelfs voor naar Nederland gekomen. Topvoorstellingen in Haarlem met vrijwel geheel nieuwe conference met veel over de afgelopen gijzelingszaak in Beilen.

zaterdag 1 december 2018

Max de Jong -- 2 december 1948

Max de Jong (1917-1951) was een Nederlandse dichter. Zijn dagboeken zijn gepubliceerd bij Van Oorschot.

Donderdag 2 december
Vanmorgen even voor het naar bed gaan naar het distr.kantoor geweest, maar ik had mijn kaart al gehaald, dat is nu ook tijdverpesten.
Daarna een uur of zes geslapen, te kort uiteraard. Toen ik opstond was een gloeilamp stuk, nieuwe gekocht.
Rbstr. Net als ik op dreef raak, vind Jaap H. het ook niet interessant meer. Ook geen bruikbare aanspraak.
Naar Hanny Deelman geweest. De Academie gaat pas 17-18 Dec. dicht. Het kind van Hanny was er, krek Joop. Hanny zei, dat ik zuur rook, hoe kan dat nu, ik heb toch dat teiltje. En zei weer, hoe wou jij trouwen, je hebt toch geen centen. Zag er slecht uit. Joop gedraagt zich rot.
Om negen uur thuis. Keihard schalde de radio naast me, gemene muziek, permanent. Radeloos de straat weer opgelopen. Naar Mienie gelopen, maar die hospita geeft geloof ik altijd niet thuis. Raamadvertenties afgelopen, niets bij, toch nog een paar kamers gekeken, doelloos mijn goeie tijd lopen te verlopen, ik ben zo
zielig
door de
radio
van de
buren

Om half elf kwam ik weer thuis, de radio schalde nog steeds
Ik wou zo graag
werken
ik heb zitten
huilen
Naar bed gaan. Morgen komt er weer zo'n dag. Gide uitlezen.