woensdag 28 oktober 2026

Frederik van Eeden • 29 oktober 1922

• De Nederlandse schrijver en psychiater Frederik van Eeden (1860-1932), hield naast een uitgebreid dagboek ook een dromenboek bij.

Maandag 17 oktober 1922 • Heerlijk weer. Gouden October. Indian summer. Vannacht nam ik waar het moment als de ziel beeterschap voelt door het lichaam. Het lichaam is weer zoover in eevenwigt dat het de eischen van de ziel kan opvolgen. Dan komt er een aangenaam gevoel van ontspanning, dat ik zelfs in diepsten slaap na kan gaan.

Zondag 29 oktober 1922 • Gister avond met de jongens en Uwe naar de bioscoop. Het aardige paardje, Queenie. En Charlie Chaplin, waarvan ik het droom-slot heerlijk vond. Hugo schaterde onophoudelijk. De bioscoop is en blijft toch vol schoone beloften.

Woensdag 7 november 1922 • Ik had een angstige droom, deezen nacht. Een man kwam aanrijden in een wagen, getrokken door twee zwarte paarden.
Toen de wagen stilhield brak een der paarden los en ging met vervaarlijke woede den koetsier te lijf. Ik stond voor een venster en zag het gebeuren. Het paard beet den man, en ik zei iets als: een prettig gezicht! - daarmee denkend aan een verhaal uit Amerika van een ‘maneating horse’. Ik voelde een slag. Ik werd somber wakker, doch in den loop van den morgen werd alles weer goed in mij.

Woensdag 15 november 1922 • Ik droomde van Maandag op Dinsdag van een orkest, en daarin een liedje van mij als een zilveren lint. Het kleine liedje ooverstemde het orkest, dat geheel onhoorbaar werd.

Vrijdag 26 januari 1923 • Ik droomde van een pad, die hoog klom en van daar onverwachts in mijn bed sprong. Ik werd met een kreet van schrik en afschuw wakker, waardoor ook mijn vrouw wakker werd. Ook zag ik een groot ruim water, bij Rotterdam.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten