dinsdag 2 juni 2026

Frits Spits • 3 juni 2025

Frits Spits (1948) stopte eind vorig jaar als radiomaker. Over zijn laatste jaar als presentator hield hij een dagboek bij: Mijn laatste radiojaar.

dinsdag 3 juni
Het kabinet-Schoof is gevallen, Geert Wilders houdt het voor gezien. Wat zit hierachter? Waarom wil hij dit? Waarom nu? Zit die asielparagraaf hem echt zo hoog, of kreeg hij afgelopen weekend tijdens een bijeenkomst met rechtse politici in Hongarije het idee om zelf de macht te grijpen en chaos teweeg te brengen in ons land? Het zou me niet verbazen als deze non-democraat in alle stilte een staatsgreep voorbereidt. Of word ik nu langzamerhand een beetje complotrijp? Ik ben benieuwd hoe dit afloopt. Ongerust ben ik ook. 1k hoop dat bij de andere partijen wijsheid voorrang krijgt. Als we iets nodig hebben, is het dat wel.
Peter de Bie is vandaag overleden. Op zijn verjaardag. Zijn 75e. Voor de dood heeft hij zelf gekozen, hij was te ziek. Ik sprak hem voor het laatst op de herdenkingsdienst van zijn in maart overleden vrouw Dieuwertje [Blok]. Hij zat in een rolstoel, een bacteriële ziekte was er de oorzaak van dat zijn onderbeen afgezet moest worden, maar in zijn ogen zag ik nog steeds de glans die ik zo goed van hem heb leren kennen. Ik weet nog dat ik hem tijdens carnaval tegenkwam op het Eindhovense Stratumseind. Dat was heimelijk genieten voor Peter. Hij droeg dan vrouwenkleren en die schitterende ogen had hij extra aangezet met zwarte mascara. Prachtig zag hij eruit, vrolijk was hij beslist. In niets deed hij dan denken aan de vaak vernieuwende radiomaker die hij is geweest. Zijn manier van interviewen verraadde een groot inzicht, zijn dwarse geest zorgde voor vaak onverwachte en verrassende vragen. Niet voor niets is hem voor zijn radiowerk de Zilveren Reiss-microfoon toegekend. Peter de Bie zal ik nooit vergeten.

maandag 1 juni 2026

J.L. Heldring • 2 juni 1958

J.L. Heldring (1917–2013) was journalist en 4 jaar hoofdredacteur van NRC Handelsblad. Zijn 'Pools dagboek' bevat de notities gemaakt tijdens een veertiendaags bezoek aan Warschau in de eerste helft van juni 1958.

Dinsdag 2 juni
Voor de lunch ben ik uitgenodigd door prof. A. Het blijkt in een van de duurste restaurants van Warschau te zijn, aan de Marszalkowska, de in Poolse Stalinstijl gebouwde boulevard in het midden van de stad. Zoals zovele dingen in socialistische staten, is ook dit restaurant, dat in 1955 gebouwd moet zijn, al wat versleten. Er zitten veel proletarisch uitziende mensen (schillerkragen enz.). Waar die het geld vandaan halen, weet ik niet. Ik vraag het maar niet aan mijn gastheer, want ik weet ook niet waar hij het geld voor de lunch vandaan haalt. De bediening is overigens langzaam. Dit is, zoals A. opmerkt, een van de nadelen van het socialistische systeem. De mensen zien er geen eigen belang in om harder te werken. Dat is natuurlijk bekend, maar het is goed het eens te horen uit de mond van een communist. Want dat is A. kennelijk. Hij is een beetje teleurstellend onorigineel in zijn opmerkingen over de koude oorlog (‘waar beide zijden schuld aan hadden’), over de blokpolitiek etc. Maar hij schijnt werkelijk te geloven in het ‘revanchisme’ van Adenauer of misschien niet van Adenauer, dan van zijn opvolger, wie dit ook zijn moge. De Europese integratie, waarover hij zojuist een artikel heeft geschreven, ziet hij ook als een produkt van de koude oorlog (dat is juist) en daarom veroordelenswaard (dat is op zichzelf niet juist). Ook ziet hij die integratie volkomen gedomineerd door Duitsland. De Gaulle is een satelliet van Adenauer. Hij zegt vertrouwd te zijn met mijn tegenargument, dat het beter is Duitsland in de club te hebben dan erbuiten, laat staan ertegen. De Bundesrepublik moge dan een democratische staat zijn (dat wil hij wel aannemen), maar de Weimarrepubliek was nog democratischer en toch bracht die binnen vier jaar na de sociaal-democraat Müller en binnen een jaar na Brüning (‘Adenauers partijgenoot’) Hitler. Mijn wederwoord: als we met historische parallellen beginnen, moeten we dan ook niet de Poolse delingen te berde brengen? Kortom, een vrij frustrerend, zij het levendig gesprek. Het is natuurlijk honderdmaal waar wat hij zegt: de Polen zullen nooit vergeten, dat de Duitsers hen bewust als Untermenschen hebben behandeld en een stad als Warschau b.v. systematisch - dus niet tijdens een oorlogshandeling - hebben vernield - een stad die de Polen na de oorlog zonder hulp uit het buitenland hebben moeten opbouwen. Vergeleken met de Polen, hebben wij tijdens de bezetting een gulden tijd gehad.

[lees verder]

zondag 31 mei 2026

Daniil Charms • 1 juni 1937

Daniil Charms (1905-1942) staat tegenwoordig bekend als Ruslands grootste absurdistische schrijver en dichter, maar de weg naar deze roem was moeilijk.

1 juni 1937. 2 uur 40 minuten
Nog rampzaliger tijden zijn op me afgekomen. Bij de Staatsuitgeverij voor Kinderboeken hebben ze zitten kankeren op een paar van mijn gedichten en zijn ze begonnen me het leven zuur te maken Ze zijn opgehouden mijn werk nog te drukken. Ze betalen me niet meer met als reden een of andere toevallige vertraging. Ik voel dat er zich daar in het geniep iets kwaads afspeelt. We hebben niets te eten. We lijden vreselijk honger. Ik weet dat 't met me afgelopen is. Ik ga zometeen naar de Staatsuitgeverij voor Kinderboeken om me te laten vertellen dat ik geen geld meer krijg.

1 juni 1937
Zometeen zullen ze me bij de uitgeverij geld weigeren.
We zijn ten onder gegaan.

Soetan Sjahrir • 31 mei 1936

• Soetan Sjahrir (1909-1966), was een Indonesisch politicus en de eerste premier van dat land. Hij speelde een grote rol in de Indonesische onafhankelijkheidsstrijd. In 1934 werd hij gearresteerd. Hij doet verslag van zijn gevangenschap en verbanning in een dagboek, dat is gepubliceerd als Indonesische overpeinzingen.

31 Mei 1936. Ten koste van een kleine woordenwisseling met Hafil heb ik mij bevrijd van de 'Zaterdagavondjes' bij de familie Soebana. Hafil schijnt er zich werkelijk nog te kunnen amuseren, maar voor mij waren het ware kwellingen. Het ging er als volgt toe: na het eten, dat wil zeggen om een uur of half acht, gaan wij naar het huis van Soebana toe. Daar wacht ons al de familie, gezeten rondom de tafel en meestal is de heer B., een buitengewoon praatgrage Arabier, er dan ook al. Zoodra wij de kring hebben volgemaakt, begint de heer B. met zijn verhalen uit de Duizend en Een Nacht. Dat vertellen doet hij overigens niet onverdienstelijk. Terwijl hij er mee bezig is, worden thee en koekjes rondgediend en dat aanhoren van wijze lessen uit de tijd van Haroen al Rashid, onder het verorberen van hoeveelheden gebak en thee, duurt dan tot na middernacht. Niet alleen, dat ik het gevoel had van een verknoeide avond, maar ook de volgende Zondag voelde ik mij niet erg prettig, omdat ik niet was uitgeslapen. Gisteravond heb ik Hafil dus voor het eerst alleen laten gaan; het zal mij zeker wel kwalijk worden genomen, maar daar moet ik mij maar overheen zetten.
[...]

Virginia Woolf • 30 mei 1940

Virginia Woolf (1882-1941) was een Engelse schrijfster. Ze hield vrijwel haar hele leven een dagboek bij. Een selectie daaruit is in twee delen gepubliceerd in de Privé domein-reeks (vertaling Joop van Helmond).

Donderdag 30 mei
Tijdens een wandeling vandaag (Nessa's verjaardag) langs Kingfisher Pool, heb ik voor het eerst een hospitaaltrein gezien — beladen, geen dodentrein maar plechtstatig, alsof men wilde voorkomen dat de lading zou gaan schudden: enigszins — welk woord zoek ik — droevig en teder en belast en intiem — waarin onze gewonden omzichtig worden teruggevoerd door de groene velden, waarover enkele van hen waarschijnlijk hebben uitgekeken. Niet dat ik hen kon zien. En het vermogen om in mijn verbeelding iets te zien, overspoelt me altijd met een mengsel van visuele en emotionele gewaarwordingen, zodat ik bij thuiskomst, in weerwil van de indringendheid, niet vast kan leggen wat ik heb ervaren — de trage, treurige, de lange zwaarbeladen trein, die als een lijkbaar zijn droeve last door de velden vervoert. Heel gelaten gleed hij tussen de heuvels bij Lewes door. Onmiddellijk vlogen als wilde eenden formaties vliegtuigen over; cirkelden; namen hun positie in en vlogen over Caburn.

donderdag 28 mei 2026

Dorothy Wordsworth • 29 mei 1823

Dorothy Wordsworth (1771–1855) was een Engels dichteres en dagboekschrijfster, en de jongere zus van de dichter William Wordsworth. Haar dagboeken staan hier online.
• In 1823 maakten broer en zus een rondreis door België en Nederland. Vertaling onderaan.

Leyden, Thursday 29th. — Arose, and found that our commodious chamber looked upon pleasure-walks, which we at once determined must be the University garden, naturally giving to this place the sort of accommodations found in our own seats of learning, but no such luxury belongs to the students of Leyden. The ground with its plantations through which these walks are carried, and upon which the sun now so cheerfully shone, was formerly covered with buildings that were destroyed, together with the inhabitants, by an explosion which took place in a barge of gunpowder in 1806, then lying in the neighbouring canal....

There are no colleges, or separate dwellings, in Leyden, for the students; they are lodged with different families in the town. Our guide had three at his house from England, as he told us. A wandering sheep lying at the threshold, as we passed a good-looking house in the street; were told that this was a pensioner upon the public, that it would lie there till it was fed, and then would pass on to some other door. This animal had been brought up the pet of a soldier once quartered at Leyden, and when he changed his situation his favourite was sent into the fields, but preferring human society, it could not be confined amongst its fellows, but ever returned to the town, and, begging its daily food, it passed from door to door of those houses which its old master had frequented, obstinately keeping its station until an alms was bestowed—bread, vegetables, soup, nothing came wrong, and as soon as this was received, the patient mendicant walked quietly away.

Haarlem. — ... Reached Haarlem at five o'clock; went directly to the Cathedral, mounted the tower, an hour too early for the sunset; a splendid and interesting view beyond any we have seen. Looking eastward, the canal seen stretching through houses and among the trees, to the spires of Amsterdam in the distance. A little to the right, the Mere of Haarlem spotted with vessels, the river Spaaren winding among trees through the town; steeple towers of Utrecht beyond the Mere. The Boss, a fine wood and elegant mansion built by —— Hope, now a royal residence; new kirk, fine tower; the sea, and sand-hills beyond the flats glowing under a dazzling western sky. The winding Spaaren again among green fields brings the eye round to the Amsterdam canal, up which we shall glide....

Ongecorrigeerde vertaling door ChatGPT:

Leiden, donderdag de 29ste. — Stonden op en ontdekten dat onze ruime kamer uitkeek op wandelpaden, waarvan wij onmiddellijk aannamen dat zij wel bij de universiteitstuin moesten horen, aangezien men zulke voorzieningen vanzelf associeert met onze eigen academische instellingen; maar zulke luxe bestaat niet voor de studenten van Leiden. Het terrein met zijn beplantingen, waar deze wandelingen doorheen lopen en waarop de zon nu zo vrolijk scheen, was vroeger bedekt met gebouwen die samen met hun bewoners werden verwoest door een ontploffing van een kruitschip dat in 1806 in de naburige gracht lag....

In Leiden zijn geen colleges of aparte studentenwoningen; de studenten wonen verspreid bij gezinnen in de stad. Onze gids vertelde dat hij drie Engelse studenten in huis had. Toen wij langs een fraai huis in de straat liepen, lag er een verdwaald schaap op de drempel; men vertelde ons dat het een soort bedelaar op kosten van het publiek was: het bleef liggen tot het gevoerd werd en trok dan verder naar een andere deur. Dit dier was ooit het lievelingsdier van een soldaat die in Leiden gelegerd was geweest. Toen hij vertrok, werd zijn favoriet naar de velden gestuurd, maar het schaap gaf de voorkeur aan menselijk gezelschap en liet zich niet opsluiten tussen zijn soortgenoten. Het keerde telkens naar de stad terug en bedelde om zijn dagelijks voedsel. Van deur tot deur ging het langs de huizen die zijn vroegere meester had bezocht, koppig op zijn post blijvend tot het een aalmoes kreeg — brood, groenten, soep, niets wees het af — en zodra het iets ontvangen had, wandelde de geduldige bedelaar rustig verder.

Haarlem. — ... Bereikten Haarlem om vijf uur; gingen direct naar de kathedraal en beklommen de toren, een uur te vroeg voor de zonsondergang; een schitterend en boeiend uitzicht, mooier dan alles wat wij tot dusver hadden gezien. Wanneer men naar het oosten keek, zag men het kanaal zich uitstrekken tussen huizen en bomen, tot aan de torenspitsen van Amsterdam in de verte. Iets meer naar rechts lag het Haarlemmermeer, bezaaid met schepen, terwijl de rivier het Spaarne zich kronkelend tussen de bomen door de stad slingerde; voorbij het meer waren de torens van Utrecht zichtbaar. Het Bos, een fraai woud met een elegant landhuis gebouwd door —— Hope, nu een koninklijke residentie; een nieuwe kerk met een mooie toren; de zee en de duinen achter de vlakten, gloeiend onder een verblindende westelijke hemel. Het kronkelende Spaarne leidde het oog opnieuw langs groene velden terug naar het Amsterdamse kanaal, waarover wij verder zouden glijden....

woensdag 27 mei 2026

Peter Handke • 28 mei 1976

• De Oostenrijkse schrijver Peter Handke (1942) publiceerde in 1977 een journaal onder de titel Das Gewicht der Welt.

Toen de woorden zich voor mij, beroerd slapend, als op elektronische tijdwaarnemers of op borden met de verspringende aankomst- en vertrektijden van vliegtuigen constant vervormden en de dingen al even razendsnel veranderden totdat er ten slotte geen woord en geen ding meer te onderscheiden was, alleen nog de onophoudelijke gedaanteverwisseling van alle woorden en dingen waarneembaar was, overviel me de angst dat de dood nabij was, waarbij alle mogelijke woorden één groot koeterwaals en alle dingen één groot onding werden (geen helderheid, zoals gewoonlijk beweerd, op het moment van de dood, maar de misselijk makende warboel van de waanzin!)

Mijn dromen: de voorwerpen zijn duidelijker en onscherper: duidelijker in hun onscherpte.

'Ze kunnen niet met elk probleem bij me aankomen'

Iemand die zich alleen maar in het gezelschap van anderen begeeft om het alleen-zijn te leren ('Ik laat me geen vernedering welgevallen – tenslotte heb ik lang genoeg alleen geleefd!') Met zichzelf alleen werden zijn ogen wijd: in het denken, voelen, bij-zich-zijn