donderdag 8 december 2022

Roger Martin du Gard • 9 december 1949

Roger Martin du Gard (1881-1958) was een Franse schrijver (en Nobelprijswinnaar). Uit: Kijken door een sleutelgat. Dagboeken en herinneringen, vertaald door Anneke Alderlieste.

Du Gards echtgenote was eind november zeer plotseling overleden.

HET DAGELIJKSE WACHTEN
December 1949
In feite gaat het leven voorbij met wachten, nu eens snel, dan weer langzaam, in een onafgebroken afwachting. En op ieder graf zou je hetzelfde epitaaf kunnen graveren: Expectans expectavi ... [wachtend heb ik gewacht (op de komst van de Heer)]

ZELFBESCHERMING VAN DE GEEST
December 1949
lk constateer dat de geest beschikt over een doeltreffende functie, die zich duidelijk manifesteert maar waarover weinig bekend is, die op mysterieuze wijze feilloos in werking treedt en op die momenten dat het nodig is, dwars door het bewustzijn een scherm optrekt om bepaalde al te wrede waarheden te verhullen en de veerkracht van het gemoed te sparen.
Dit beschermingssysteem werkt met automatische precisie. Zodra de gedachten afdwalen en plotseling het besef doordringt van bepaalde gruwelijke feiten die het gevoel dusdanig dreigen te ontwrichten dat we ons evenwicht - om niet te zeggen ons verstand - verliezen, treedt prompt de veiligheidspal in werking, wordt het afweerscherm opgetrokken, en ontsnapt de geest aan de gedachte of aan het specifieke beeld dat een marteling zou betekenen.
Zo zal het gaan bij mensen die weten dat ze veroordeeld zijn tot een pijnlijke dood en die toch een normaal leven blijven leiden. Zo gaat het ook bij mensen die met hun scherpe blik een onafwendbare ramp zien aankomen en doorleven alsof er geen vuiltje aan de lucht is. Zo gaat het bij hen die door het ongeluk zijn getroffen, die een dierbare hebben verloren (die toch gekweld moeten worden door de herinnering aan het verleden, door het beeld van de ontbinding van het geliefde lichaam in het graf etc, etc.) en die dankzij deze onbewuste controle aan de niet-aflatende obsessie ontsnappen en juist op het moment dat het heldere besef onverdraaglijk zou worden, door het scherm worden behoed.
In hoeverre wordt dit weldadige fenomeen bewerkstelligd door een min of meer bewuste wil? Dat de wil hier een rol in speelt is zeker. En des te doeltreffender naarmate de vrees om te lijden (een soort wegvluchten voor verdriet) sterker is.
Ik denk dat we op deze tragische momenten moeten vechten tegen de macht van de verbeelding. En ook tegen de al te verlokkende bitterheid van de wanhoop. Niet zwichten voor de verleiding om weg te zinken in dat verdriet; en vanaf het begin pogingen doen ons uit die bodemloze put te hijsen waarin het verdriet ons heeft gestort; ons voor het te laat is in de concrete wereld begeven, die tijdloze, onbegrensde mensenwereld, waarvan wij een moment deel uitmaken. Dan beseffen we dat niets zo troostrijk, of liever nog zo geruststellend is als het gevoel niets te zijn, een korte vonk in een eindeloze nacht: er bestaat een soort verlossing, denk ik, voor degenen die tot dit heroïsch besef van het niets komen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten