• Wim Kan (1911-1983) was cabaretier. Zijn dagboeken zijn te lezen bij de DBNL.
Maandag 23 maart 21.00 uur. Wildwal
Telefoon: Ru! Ziek! Heeft voor de derde maal geen stem en moeilijkheden met slikken. Bang voor longontsteking. Ik verbood hem naar Apeldoorn te komen, waar om half twee vanmiddag de generale repetitie zou plaatsvinden. Paniek bij meneer Van Liempt. Wij stonden zelf om 14.15 uur voor Orpheus: Harry Wich, Frans, Johan. Meneer Van Liempt: allemaal nog druk bezig. Niemand had Ru of ons nog gemist. Welkomstbloemen van Orpheus in de kleedkamer. Prima werksfeer. Prima directeur Stans van wie alles kon en alles mocht. Om ongeveer half vier stonden Ol en ik op de anderhalve meter hoge praktikabel te zingen: ‘Want samen zijn wij 150 lentes oud’. Klaar voor het changement van ‘Silhouetten’ naar zichtbare figuren. Op tijd trokken ze het witte silhouettendoek omhoog. Dat bleef haken aan de onderkant van de praktikabel en voor iemand begreep wat er precies gebeurde, viel Ol achterover van het podium, op haar rug!!! Ik probeerde haar nog te grijpen, maar doordat de hele praktikabel achterover kiepte, vielen wij allebei en had ik geen schijn van kans. Einde van de voorstelling flitste het door mij heen, einde van onze carrière. In zestig seconden ongeveer stond al wat in de schouwburg werkte om ons heen. Ik denk niet dat ik dit beeld van Ol in feestjurk met feesthoed op haar rug op de grond liggend ooit zal vergeten. Binnen vijf minuten begreep ik wel dat ze niets gebroken had in elk geval. Ol weer als een rubberpoppetje en niet de bijna tachtigjarige vrouw met een gebroken heup. Stuitje bezeerd, spierpijn. Een kwartier later stonden wij weer samen op diezelfde praktikabel... ‘want samen zijn wij 150 lentes oud’... te zingen en de generale repetitie zonder Ru ging ‘rustig’ verder.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)


Geen opmerkingen:
Een reactie posten