donderdag 31 juli 2025

L.M. Bijl de Vroe • 1 augustus 1915

• Cornelis Lucien Marie Bijl de Vroe (1879-1945) vertrok eind 1914 met vrouw en kind naar Indië om hoveling te worden aan het hof van de Grote Heer te Buitenzorg. In mei 1919 keerde hij terug naar Nederland. Hij hield in zijn Indische periode een dagboek bij dat is uitgegeven als Rondom de Buitenzorgse troon. "Juist in de onopzettelijkhied van dit dagboek komen mentaliteit en sfeer van deze zeer karakteristieke kant van de Indische samenleving sterk naar voren."

18 juli
We hadden een rustige week van kalm klimaatschieten en genieten van de heerlijke lucht. Dezen dag echter maakten we een mooien tocht per zeszits gaswagen naar Pelaboran Ratoe aan de Wijnkoopsbaai van 6u30 v.m. tot 1 u n.m. We troffen het heerlijk en ontbeten om 8 u aan den weg, genoten zeer van het berglandschap en de schitterende Oceaan.

25 juli, zondag
We hadden een rustige week al was Luusje een dag ongesteld door koorts. Geen ontroeringen waren ons deel behalve het eten van onzen tafelbuur 1/2 Chinees 1/2 Amerikaan die zich de onbeschoftheden van beide rassen had eigen gemaakt. Om 5 u vertrok ik naar Buitenzorg, uitgeleide gedaan door Caro en Caths Rueb met de kinderen en Steerntje, en was na een mooien rit bij maanlicht om 7 u thuis waar de bedienden me aardig ontvingen en alles keurig in orde was.

1 augustus, zondag
't Was een stille week zonder Steerntje. Ik at meestal buitenshuis, bij de Kans, Vreedes, Boumeesters en Heyligers. Zaterdagavond toog ik naar Soekaboemi om Ster te halen nadat ik 's Ochtends te Batavia was behandeld wegens voortdurende hooikoorts door den specialist Dr. Utermöhlen, welke behandeling reeds Dinsdag was aangevangen, 4x per week, Dinsdag, Woensdag, Vrijdag en Zaterdag. Succes voorlopig nihil. In Soekaboemi alles wel en zoo kwamen we van avond te samen thuis terwijl de bedienden gezorgd hadden overal bloemen te zetten door vrienden gezonden. We waren zeer tevreden over ons verblijf in hotel Selabatoe (prijs voor 2 kamers voor Ster en Luuske f 7,50 en voor mij f 5,- per dag)

2 augustus, maandag
Verjaardag van H.M. de Koningin Moeder welke wegens de oorlogstijden in 't geheel niet werd gevierd terwijl de meesten zelfs geen vlag uitstaken. We zijn thans midden in den poeasa maand, van 12 Juli - 12 Aug. waarbij de inlanders overdag niet mogen eten tusschen o en o; verder bemerkt men er niet veel van.

woensdag 30 juli 2025

Alma Mahler • 31 juli 1899

• Alma Mahler was in het begin van de twintigste eeuw de it-girl van Wenen. Haar dagboeken over die tijd zijn verschenen als Het is een vloek een meisje te zijn (vertaald door Peter Claessens).
Vóór haar huwelijken met Gustav Mahler, Walter Gropius en Franz Werfel, en haar verhouding met Oskar Kokoschka, had Alma Mahler (1879-1964) al verhoudingen met Gustav Klimt en Alexander von Zemlinsky achter de rug. Ze schrijft erover in haar dagboeken uit de periode rond 1900.

Zondag 30.7
Vroeg uit München vertrokken, om halfdrie in Bayreuth gearriveerd: welbeschouwd een behoorlijk saai gat. Hebben Villa Wahnfried bezocht. Lilli Lehmann hier. Gretl voelt zich niet goed — maagkrampen. 's Avonds bij hotel Sonne: een derderangs etablissement. Zag er Else Lewinsky.

Maandag 31.7
Voor het ontbijt met Gretl in Wahnfried en in de Hofgarten. De laatste erg saai. Doet me denken aan de kuurtuinen in Franzensbad. Wahnfried beviel me vandaag beter dan gisteren. Tot nu toe zijn de straten leeg, op een paar lady's en een paar brutale Françaises na. Meestal mensen die hier alleen maar zijn omdat het in de mode is. O, wat zie ik ernaar uit de eerste klanken te horen. Ik kan het nog steeds niet bevatten dat ik in Bayreuth ben. [...]

31 juli '99
Parsifal
[...] [tenor Alois] Burgstaller niet uitzonderlijk goed, [sopraan Milka] Temina uitstekend.
's Ochtends met Gretl in Wahnfried en in de Schlossgarten. Schmedes en mej. Goldenberg zijn hier. Om drie uur aan de pelgrimstocht naar boven begonnen. Een uur lang de mensen geobserveerd. Tegen vieren kwamen vier klaroenblazers naar buiten, die het graalmotief aanhieven. Daarna overal rondom het gestommel van het publiek op de primitieve houten trappen. We betraden de zaal. Onmogelijk iemand te herkennen. De zitplaatsen zijn oplopend, in de vorm van een amfitheater, gerangschikt. Veel lawaai, geroezemoes in gespannen afwachting. Plotseling de verduistering van de zaal, luid geklepper van de banken die neergeklapt worden, daarna een plechtige stilte.
De eerste klank — je krijgt er koude rillingen van — en meteen volgt de ene aangrijpende emotie op de andere, de ene golf van emoties op de andere. Wat een indrukwekkende tentoonspreiding van macht en hartstocht, wat een waarachtige poëzie. Mijn hart bonsde in mijn keel. Ik hoorde, zag, droomde horende, zag als met blindheid geslagen — een andere wereldsfeer. Een hemel ging voor me open.
Ik hoorde als in dromen verzonken het sluiten van het doek en zag het laatste akkoord, ik voelde de finale! Het licht ging aan, het publiek begon te schuifelen en te dringen, en voor ik er erg in had stonden we beneden op het plein, niet in staat om te denken, niet in staat om ook maar iets te doen. Oom Hugo stelde me voor om een glas champagne te drinken. Dat hielp, ik kwam een beetje tot mezelf, en zo ging het ook in de twee andere pauzes, al was ik toen minder van mijn stuk en eigenlijk al te vermoeid.
Ik zal me deze dag altijd herinneren — dit kan niet door een mens zijn gemaakt. Geluk bestaat nog... ook voor mij... vandaag is me het onweerlegbare bewijs daarvan geleverd! -

dinsdag 29 juli 2025

Wolfgang Herrndorf • 30 juli 2010

• Wolfgang Herrndorf (1965-2013) was een Duitse schilder en schrijver. Nadat bij hem in 2010 een hersentumor geconstateerd werd, begon hij een online dagboek dat hij bijhield tot aan zijn dood. Het is daarna ook in boekvorm gepubliceerd.

Vertaling door ChatGPT onderaan.

30.7. 2010 23:11
Werde wieder etwas besser beim Fußball. Ich bin fitter, das Hirn baut Subroutinen um den Sichtfeldausfall rum. Leider haben die Leibchen genau die Farbe, die ich mit dem einen Auge nicht mehr sehen kann.
Die Bewegung tut dem Körper gut, trotzdem heute wieder den ganzen Tag in Gedanken. Dann ist es nur eine Armlänge bis zum Wahnsinn und noch zwei Fingerbreit zum Nichts. Ich muß nur die Hand ausstrecken. Es wundert mich, daß es den anderen nicht so geht.

31.7. 2010 23:44
Fahrradtour nach Rahnsdorf zu Lentz’ Sommerfest, wie jedes Jahr. Zwischendurch Baden im Müggelsee. Das Wasser so schwarz und unheimlich, fast traue ich mich nicht hinein. Erst als [ich] mich davon überzeugt habe, daß es nur Wasser ist, nur ein See. Nach den glücklichen Tagen zuletzt ein ziemlicher Rückschlag.
Auf dem Fest der Herbert-Grönemeyer-Doppelgänger entpuppt sich als Herbert Grönemeyer. Herta Müller und Kehlmann sitzen an einem Tisch. Wenn es ein Gegenteil von Aura gibt, schwebt es strahlend um Kehlmann herum. Ich bleibe den ganzen Tag abseits, schaffe keinen Smalltalk mit niemandem. Erst als X. sich zu mir hockt, bei der sie jüngst Morbus Bechterew diagnostiziert haben, kommt eine Unterhaltung zustande.

Ongecorrigeerde vertaling door ChatGPT:

30-7-2010, 23:11
Ik word weer wat beter in voetbal. Ik ben fitter, en mijn brein bouwt subroutines om het uitgevallen gezichtsveld heen. Helaas hebben de hesjes precies de kleur die ik met één oog niet meer kan zien.
Beweging doet mijn lichaam goed, en toch zat ik vandaag weer de hele dag in gedachten. Dan is het nog maar een armlengte tot de waanzin, en nog twee vingers tot het niets. Ik hoef alleen maar mijn hand uit te steken. Het verbaast me dat de anderen dat niet ook zo ervaren.

31-7-2010, 23:44
Fietstocht naar Rahnsdorf, naar het zomerfeest van Lentz, zoals elk jaar. Tussendoor gezwommen in de Müggelsee. Het water zo zwart en unheimisch, ik durf er bijna niet in. Pas toen ik mezelf ervan had overtuigd dat het gewoon water is, gewoon een meer, ging ik erin.
Na de gelukkige dagen van laatst is dit een flinke terugslag.
Op het feest blijkt de Herbert Grönemeyer-lookalike Herbert Grönemeyer zelf te zijn. Herta Müller en Kehlmann zitten samen aan een tafel. Als er een tegenovergestelde van ‘aura’ bestaat, straalt die om Kehlmann heen.
Ik blijf de hele dag op de achtergrond, krijg geen gesprek op gang met iemand. Pas wanneer X. zich bij me neerzet — bij wie onlangs de ziekte van Bechterew is vastgesteld — ontstaat er een gesprek.

maandag 28 juli 2025

Julien Piraña • 29 juli 1975

• Kees Wielemaker (1938) publiceerde in de jaargang 1975/'76 van Maatstaf onder het pseudoniem Julien Piraña een Afrika-dagboek.

Dakar, 29 juli 1975.
Een week zit ik nu in Dakar. Volgens mij is 't hier te nat. 'k Heb het verkeerd aangepakt en de regentijd hier onderschat. 'T is nu droog in Kenia en Tanzania; als ik er over land heen reis beginnen de regens precies als ik daar aankom. In Casa verbrandde ik, hier rot ik weg. Nog even en m'n kleren laten het stadium van de dode stof achter zich.
Toen ik Doy van me af had geschud kon ik eindelijk gaan rondkijken. Goree, het slaveneiland, ligt vlak voor de kust. Eens in handen van Engelsen, Fransen, Nederlanders en Portugezen. In alle denkbare volgorden. Nauwelijks een vierkante kilometer groot. Er was geen weg terug. Via 't slavenhuis, zo groot als een dorpspostkantoor volgde verscheping. Vierhonderdvijftig stuks op boten van dertig meter lang. Vijfendertig op de honderd slaven komen na een paar maanden aan. Haaien volgen in 't kielzog. Hopend op krankzinnig geworden vluchtelingen, maar genoegen nemend met zwarte lijken. Onder in 't slavenhuis zijn de ruimten. Niet groter dan een huiskamer. Plaats voor zestig stuks. De bovenverdieping van 't postkantoortje is de plaats van de transakties. 't Gewicht van de mannen en de kwaliteit van de spieren bepalen de prijs.
't Eerste staat vast. Over 't laatste valt te discussieren. Knijpend en tastend wordt de koop gesloten. De meisjes gaan naar rato van de hardheid van de borstjes. Als ze hangen is ze vrouw, naar Afrikaans gebruik, en tellen vooral de tanden. Twee kanonlopen markeren de voorkant van 't kantoortje ‘Honi soit qui mal y pense’. (Wee degeen, die er kwaad van denkt). Doy heeft me tot nog toe 87 gulden gekost en een dag hoofdpijn. 't Had erger gekund. Op 't schip hebben w'elkaar even gesproken in 't Kafee. De tweede dag in Dakar wordt m'n gang naar 't postkantoor beloond met weer een brief, maar ook met de aanwezigheid van Doy, die hier niet uit de voeten kan met zijn Joeroeba en z'n Cambridge-Engels. Hij wacht op geld dat er al had moeten zijn en dat ie nodig heeft om door te reizen. Drie minuten bellen om te informeren waar 't blijft kost 45 gulden. Te duur. We gaan naar z'n ambassade in de gammele mg-tweezitter. Achterin een opgevouwen Senegalees die Dakar kent. Ambassades werken alleen van 9 tot 12. We schrijven alle nummers van 't personeel over uit het telefoonboek. Prijs, 's avonds zal de attaché hem komen opzoeken in 't hotel. We rijden er heen en drinken wiskie met steeds meer leidingwater.

zondag 27 juli 2025

Wim Kan • 28 juli 1966

• Wim Kan (1911-1983) was cabaretier. Zijn dagboeken zijn te lezen bij de dbnl.

Zondag 24 juli. Ochtend 8.38 uur. In de keuken Kudelstaart
Gerard van het Reve katholiek geworden! Net iemand die onder een grote paraplu gaat schuilen, waar ie eerst zelf een paar gaten in heeft geprikt. Een literaire exhibitionist. Wat moet zo'n Van Dis een stomme man zijn om zich zo ver te laten brengen: Van het Reve aanklagen voor godslastering. Dat is precies wat Van het Reve wil, nodig heeft, hoopt en verwacht.

Donderdag 28 juli. Ochtend 9.30 uur
Scheveningen wordt steeds mysterieuzer! Gisteravond een voorstelling gespeeld die wat betreft reacties hoorde tot de allerbeste van mijn leven, geloof ik. In begin bij proloog nog even iets aarzelend. Toen steeds beter. ‘Oranjevrouwtje’ vol voltreffers. En na de pauze haast niet meer te geloven. Ze lagen met hun hoofden op elkaars schoten van de lach. En toch is het moeilijk dit succes ‘thuis’ te brengen. Van 19.15-20.00 uur voor de voorstelling met Frans Halsema op de boulevard gezeten. Over zijn plannen gepraat. Heeft slechts twee theatertjes (Pepijn kan ie krijgen en Lurelei), geen artiesten (misschien Adèle [Bloemendaal] of Sylvia [de Leur]) en geen teksten. De drie troeven die je minstens in handen moet hebben, teksten, mensen en theaters, daarvan heeft hij er maar één. Nou ja, we zullen zien. Veel hoor je nu weer: ‘Kunt u mij niet aan een paar kaartjes helpen?’ Een ouderwets lekker zinnetje. Zou je dan zonder tv en interviews en radio in het brandpunt van de belangstelling kunnen blijven staan?

Donderdag 11 augustus 8.10 uur
Mijn nummer zit nu zo nauwkeurig in elkaar dat als er maar één zinnetje iets minder doet, iedereen dadelijk roept: Dat kan er wel uit. Overigens drie dagen lang een ontzettend gejaagd gevoel. Kreeg gisteren van René een ‘pilletje’ (ze blijken bijna allemaal met die pilletjes rond te lopen: René, Carry, Celia), dat hielp goed. Voel me nu eindelijk beetje rustig. Het was net of m'n hoofd en m'n hart de hele dag zesmaal zo hard holden als van mij op rustiger uren werd verwacht. Kwam dan de voorstelling, en met name het gedeelte na de pauze, dan kwam tenslotte ‘alles gelijk’. Als twee treinen die in dezelfde richting met gelijke snelheid rijden, waardoor je bij een vaart van honderddertig kilometer per uur rustig van de ene in de andere kan stappen. Soms denk ik ook dat dit optreden zoveel vergt dat het nu werkelijk beslag legt op de volle vierentwintig uur. Zelfs de vrije dag geeft geen echte ontspanning meer.

Jacob van Lennep • 27 juli 1855

• Jacob van Lennep (1802-1868) was een Nederlandse schrijver. Uit: Fragmenten uit het dagboek, gedurende eene reis naar Zwitserland.

27 Juli. Bern.
In Zwitserland heeft men over 't algemeen heerlijk brood; maar het brood van Bern spant de kroon. 't Is nergens smakelijker en beter koop. - Ik ben nieuwsgierig of, nu de accijns op 't gemaal met 't jaar 1856 wordt afgeschaft, men in 't vervolg ook bij ons, evenals hier, goedkoop en lekker brood niet alleen bij de bakkers, maar zelfs op straat zal kunnen bekomen. De voorstanders der afschaffing beweren, dat wanneer de fabrikage vrij is, de meelbereiding eene tot hiertoe ongekende vlucht zal nemen. Ik mag het van harte lijden; - doch dan moeten knappe lieden er zich mede bemoeien; want ik vrees, dat zoo men het alleen aan de molenaars en bakkers overlaat, het treurige resultaat zal wezen, dat wij even onsmakelijk en duur brood eten als vroeger; terwijl het Land zijn vijf d'halve millioen zal missen, die gezegde heeren in hun zak zullen steken.
Bern is, als een iegelijk weet, beroemd om zijne beren. Men heeft die naakt, men heeft die gekleed, men heeft die gewapend, men heeft die ongewapend, men heeft die in natura, men heeft die op het stadswapen, men heeft die in portret, men heeft die op de fonteinen, men heeft die op de klokketorens, men heeft die in 't kort overal. De inwoners hebben sinds zoovele eeuwen die beren aangekeken, dat zij geëindigd zijn er zelve op te gelijken: ik heb nooit iets zoo leelijks gezien als de mans hier ter stede, met uitzondering alleen van de vrouwen, wier breede, ruige aangezichten en wier grove, dikke, met haar begroeide armen een mensch van schrik naar huis zouden jagen.

Frits Bolkestein • 26 juli 2004

• Politicus Frits Bolkestein (1933-2025) was eurocommissaris van 1999-2004, en hield in die periode een dagboek bij dat is gepubliceerd als Grensverkenningen.

Zaterdag 24 juli
Naar Frau Pfänder in Kaufbeuren (Beieren). Aantrekkelijk huis met mooie tuin, waar zij woont met man en moeder. Haar man had werkelijk voortreffelijk gekookt. Heb haar onder andere gevraagd naar betekenis en connotatie van het woord die Buhlschaft. Die vrouw speelt namelijk een belangrijke rol in Jedermann dat wij maandag a.s. gaan zien en waarvan zij mij de tekst (van Hugo von Hoffmanstahl) had gegeven. Volgens mij is ‘boel’ in het oud-Nederlands een hoer. Kon dat ook van die Buhlschaft worden gezegd? Zij ontkende dat, zeggende dat eine Buhlschaft iemand was die zich om een ander bekommert en niet noodzakelijk om financiële redenen. Het suffix -schaft verwonderde haar niet. Inderdaad kent ook het Nederlands het woord ‘het heerschap’. In ieder geval was die Buhlschaft een beroemde rol die iedere bekende actrice wel eens had gespeeld.
Femke [Boersma, zijn echtgenote] heeft ook in Elckerlyc gestaan waar zij ‘de schoonheid’ speelde maar of dat ook die Buhlschaft was, bleef onduidelijk. Daarna naar Schloss Lautrach.

Maandag 26 juli
Het kostte ons weinig moeite om Salzburg vanuit Lautrach te bereiken want de afstand is gering. 's Avonds naar Jedermann in het Großes Festspielhaus. Het was een mooie opvoering die zeer overtuigend werd gespeeld, in de eerste plaats door Jedermann zelf maar ook door de anderen. Die Buhlschaft een mooie jonge vrouw met fraaie benen waarvan ze veel liet zien. Toch meer een lichtekooi dan iets anders. Zowel de duivel als de schat werd door barokke figuren boeiend gespeeld. Alles bij elkaar een voortreffelijke avond. Leuk ook om al die toeschouwers te zien die zich moeite hebben gegeven er mooi uit te zien. In Nederland gebeurt dat niet, zelfs niet bij premières van de opera, en dat is jammer. Het is de cultuur van de achteloosheid. Op zichzelf is dat wat betreft kleren niet zo erg, maar zij strekt zich uit tot het gebruik van het Nederlands, wat wel erg is. ‘Het is zo toch ook goed?’ Nee, zo is het niet goed. Het is niet goed te schrijven ‘koste wat kost’. Ook het Engels is vaak erbarmelijk. Over Frans en Duits praten we maar niet. We logeren in Hotel Koblenz, hoog tegen de berg dus met schitterend uitzicht.